Jelte Wiersma

Dat rechtspraak geen politiek zou bedrijven, is een illusie

Door Jelte Wiersma - 12 februari 2017

Uiteraard was de wereld weer eens te klein. Donald Trump valt rechters consequent aan als zij vonnissen op een manier die hem niet aanstaat, schrijft Jelte Wiersma.

‘De veiligheid van ons land staat op het spel’, twitterde Trump nadat een federale rechtbank in Californië zijn inreisverbod voor burgers van zeven landen vernietigde.

Uitspraak Trump lijkt op die van Wilders

De door Trump voorgedragen rechter voor het hooggerechtshof Neil Gorsuch noemt diens tweets ‘demoraliserend’. Afgezien van Trumps bemoeienis an sich ergeren rechters en rechtsgeleerden zich aan Trumps kwalificatie: ‘zogenaamde rechters’. Dat lijkt op wat Geert Wilders in Nederland zei over de rechtbank in Den Haag die hem in december 2016 veroordeelde: ‘Neprechtbank.’

Jit Peters, emeritus hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit van Amsterdam zei tegen Nieuwsuur: ‘Trump zegt: dit zijn ‘zogenaamde’ rechters, en als er iets misgaat zijn zij verantwoordelijk daarvoor. Dat is ongekend hatelijk en het ondergraaft het vertrouwen in de rechtsstaat. Ik vind het heel bedenkelijk dat de president zo weinig zijn plaats kent. Minachting van het hof is op zichzelf strafbaar.’

Dat lijkt dan weer op wat Geert Corstens, oud-president van de Hoge Raad, in december 2016 in NRC Handelsblad zei over Wilders’  uitspraken. ‘Hij maakt stemming tegen de rechters, roept op tot wantrouwen. En dat is verkeerd.’

Veel effect heeft het verzet tegen Trump en Wilders nog niet. Trumps minister van Justitie Jeff Sessions verweet de rechter een ‘politieke beslissing’ te hebben gemaakt. Ook Wilders’ aanvallen gaan door.

Begrijpelijk dat rechters uitspraken niet leuk vinden

Dat rechters en juristen het niet leuk vinden dat het academische gehalte van hun beroep wordt aangevallen en er twijfel is over hun onafhankelijkheid, valt best te begrijpen. Zij hebben jarenlang gestudeerd en plots worden hun uitspraken gedegradeerd tot niets anders dan ‘politieke beslissingen’ en daarmee niets meer dan ook maar een mening.

Dat het inderdaad zo zou kunnen zijn dat rechters ‘politieke beslissingen’ nemen en hun persoonlijke voorkeur een rol laten spelen, komt kennelijk bij de rechtsgeleerden niet op. Of reageren zij zo heftig omdat ze stiekem weten dat Trump, Wilders en Sessions in ieder geval een beetje gelijk hebben?

Rechtspraak is wel degelijk politiek

Voor deze specifieke zaak van het inreisverbod in Amerika geldt dat misschien niet per se, maar rechtspraak is wel degelijk politiek. Dat weten de hoogste rechters in de Verenigde Staten maar al te goed. De negen leden van het Hooggerechtshof worden benoemd door de president en die benoemingen moet worden goedgekeurd door het Congres. Republikeinse presidenten dragen meestal conservatieve rechters voor die bijvoorbeeld kritisch zijn over abortus, beperking van het eigen wapenbezit en de macht van Washington ten opzichte van de staten. Democratische presidenten dragen meestal progressieve rechters voor die tegengestelde opvatting huldigen.

George W. Bush kwam zelfs aan de macht toen conservatieve meerderheid (5-4) in het Hooggerechtshof oordeelde dat hertelling van stemmen in Florida moest worden stopgezet. Was dat niet gebeurd, dan was in 2001 Al Gore waarschijnlijk president geworden want de al begonnen hertelling leek in zijn voordeel uit te pakken. Met een academische rechtsuitoefening had het weinig te doen, met politiek des te meer.

Ook in Nederland is benoeming politiek

Waar dit in de Verenigde Staten in de openheid gebeurt, is het Nederland allemaal wat schimmiger. Maar ook in ons land worden de raadsheren van de hoogste rechtscolleges, de Raad van State en de Hoge Raad, politiek benoemd.

Zo benoemde het kabinet in 2011 de eigen minister van Justitie Piet Hein Donner (CDA) tot vicepresident van de Raad van State. Om de schijn van objectiviteit op te houden werd een heuse sollicitatieprocedure opgezet. Een farce, wist iedereen op het Binnenhof. Binnen het kabinet was al een akkoord gesloten dat Donner het moest worden.

Curieus: Donner oordeelde en adviseerde indirect als vicevoorzitter over wetten die ‘zijn’ kabinet Rutte I had gemaakt. Oud-staatssecretaris van Justitie Fred Teeven (VVD) krijgt volgens NRC Handelsblad in april een adviesfunctie bij de Raad van State. De voordracht van Teeven is gedaan door zijn oud-collegaministers in het kabinet Rutte II, Ronald Plasterk (PvdA) van Binnenlandse Zaken en Stef Blok (VVD) van Veiligheid en Justitie.

Slechts zelden wordt dit politieke benoemingscircus gehinderd. In 2011 organiseerde de PVV met succes verzet tegen de benoeming van Diederik Aben tegen tot raadsheer van de Hoge Raad. Aben had een kritisch stuk geschreven dat uitlekte over de succesvolle wraking van de rechtbank door de verdediging van Geert Wilders in diens eerste strafproces. Aben trok zich terug.

In 2011 maakte de PVV ook bezwaar tegen de benoeming van Ybo Buruma tot lid van de Hoge Raad. Buruma werd uiteindelijk toch benoemd maar niet nadat hij in allerijl zijn PvdA-lidmaatschap had opgezegd. Zowel Tweede Kamer als kabinet spelen aldus een rol in Hoge Raad-benoemingen wat al gauw leidt tot politieke deals. Als ze willen kunnen regeringspartijen VVD en PvdA met een meerderheid in de Tweede Kamer kandidaten van hun voorkeur benoemen.

Politieke invloed

In het strafrecht geldt dat immigratie en de multiculturele samenleving tot gerechtelijke uitspraken hebben geleid die op zijn minst de wenkbrauwen doen fronsen. In 1978 kon Theo Joekes (VVD) als Tweede Kamerlid 1.000 gulden boete afrekenen omdat hij had gezegd: ‘Zuid-Molukkers beneden een bepaalde leeftijd het land uitgezet moesten worden.’ Dat was toen aanzetten tot discriminatie en geweld.

Centrum Democraten-voorman Hans Janmaat kreeg in 1997 van het gerechtshof in Arnhem een boete van 7.000 gulden en twee maanden voorwaardelijk voor zijn uitspraak: ‘Wij schaffen zodra wij de mogelijkheid en de macht hebben, de multiculturele samenleving af.’ Ook de leus ‘Vol is vol’ die op CD-demonstraties klonk, vond de rechter strafbaar. Een jaar eerder had Janmaat ook al een boete van 3.000 gulden gekregen van het gerechtshof in Amsterdam.

Malle veroordelingen

In juni 2011 sprak de rechtbank in Amsterdam PVV-voorman Wilders vrij. Wilders moest zich onder meer verantwoorden voor wat hij zou doen als hij aan de macht komt: ‘De grenzen gaan nog diezelfde dag dicht voor alle niet-westerse allochtonen’ en ‘Iedereen past zich aan onze dominante cultuur aan. Wie dat niet doet, is hier over twintig jaar niet meer. Die wordt het land uitgezet.’

Wilders’ vrijspraak is in het licht van de veroordelingen van Joekes en Janmaat een beetje mal. Of net andersom: de veroordelingen van Joekes en Janmaat waren mal. Het wordt nog vreemder doordat sinds de veroordelingen van Joekes en Janmaat de wet strenger is geworden. Desondanks ging Wilders met steviger teksten vrijuit.

Zou het zo kunnen zijn dat rechters worden beïnvloed door wat politiek en maatschappelijk als geaccepteerd wordt gezien? En dus niet enkel recht spreken op basis van de wetten en jurisprudentie. Het lijkt er niet alleen op, rechters erkennen zelf dat zij meebuigen met maatschappelijke tendensen.

Ten tijde van Janmaat was kritiek op de multiculturele samenleving vloeken in de kerk. Inmiddels kan de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb (PvdA) ongestraft tegen jihadisten zeggen: ‘Rot toch op.’

In 2016 werd Wilders wel veroordeeld voor zijn ‘minder, minder’-uitspraken. Waarbij de rechtbank Den Haag Marokkanen plots tot een ras bestempelde en daarmee de Nederlandse taal herschreef. Curieus: Wilders zei met zijn ‘Minder, minder’ – hoe onsmakelijk ook – niet veel anders dan waarvoor hij in 2011 werd vrijgesproken. Het hoger beroep in deze zaak loopt nog. Wilders kreeg overigens geen straf.

Politiek en wetenschap bedrijven

Daarnaast doen rechters politieke uitspraken. Dat valt ook nauwelijks te vermijden. Maar soms gaat het wel erg ver. De uitspraak van de rechtbank Den Haag uit 2015 dat de regering in 2020 de CO2-uitstoot met 25 procent moet hebben teruggebracht omdat de meeste klimaatwetenschappers denken dat de aarde anders (teveel) opwarmt, is politiek en wetenschap bedrijven ineen. Wat als een volgende regering stopt met subsidies voor windmolens omdat zij een andere opvatting heeft over de gevolgen van CO2-uitstoot? Of klimaatwetenschappers tot andere inzichten komen? Desondanks achtte de rechtbank Den Haag zich bevoegd en kundig genoeg om een mogelijk verregaande uitspraak te doen.

Gezien de politieke benoemingen, inconsistenties en uitspraken die wel erg ver ingrijpen in de soevereiniteit van het parlement valt er aldus wel wat af te dingen op het zuiver juridisch en onafhankelijk handelen van rechtbanken. Zowel in de Verenigde Staten als ook hier. Dat maakt de rechtspraktijk kwetsbaar voor kritiek.

Juist omdat het zo ongelooflijk belangrijk is om onafhankelijke en onomstreden rechtspraak te hebben, zou het aardig zijn als rechters en rechtsgeleerden proberen zichzelf minder kwetsbaar te maken. Zij kunnen hun energie dan ook beter gebruiken om de onafhankelijkheid van de rechtspraktijk te versterken in plaats van hen die de vinger op de zere plek leggen te bekritiseren.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.