#Syrië

‘Russisch verhaal over gifgasopslag rebellen lachwekkend’

Door Nikki Sterkenburg - 06 april 2017

‘Het is onwaarschijnlijk dat rebellen in de provincie Idlib een depot met het gas sarin hebben.’ Dat zegt Human Rights Watch-directeur Ken Roth (61) in een vraaggesprek met Elsevier.

Roth was op bezoek bij de Nederlandse afdeling van Human Rights Watch (HRW). Ook hij zag de foto’s van de gifgasaanval in de Syrische provincie Idlib, waarbij tientallen mensen om het leven kwamen.

Elsevier: Rusland en Syrië beweren dat het ging om gifgas in handen van de rebellen. Bij een bombardement zou een depot zijn geraakt. Hoe waarschijnlijk is die lezing?
Roth: ‘Niet heel waarschijnlijk. We weten natuurlijk nog niet honderd procent zeker dat president Bashar al-Assad erachter zit. Daarvoor is eerst nader onderzoek nodig. Maar het gas sarin is via de lucht naar beneden gekomen en de rebellen hebben geen gevechtsvliegtuigen. De Russische verklaring dat bij een bombardement mogelijk een saringasfabriek van de rebellen is geraakt, is bijna lachwekkend. De rebellen in het gebied hebben niet de mogelijkheden om saringas te produceren of op te slaan.’

Meer nieuws, elke dag in je inbox? Meld je aan voor Elseviers nieuwsbrief >>

Elsevier: Maar de rebellen hebben wel eerder chemische wapens gebruikt.
Roth: ‘Er zijn een paar aanslagen geweest met chloorgas, maar niet met saringas. De rebellen hebben geen geschiedenis met zenuwgas. Daarnaast is ook een ziekenhuis gebombardeerd. Zo’n tweetrapsaanval is kenmerkend voor hoe Assad in het verleden zijn eigen bevolking heeft aangevallen in gebieden waar hij de macht niet heeft.’

Elsevier: Wat kan er worden gedaan om dit een halt toe te roepen?
Roth: ‘Afgelopen februari wilde de VN Veiligheidsraad sancties aan Syrië opleggen vanwege twee gifgasaanvallen waarvan duidelijk was dat Assad erachter zat. Rusland en China hebben dat geblokkeerd . Daarmee geef je het signaal af dat Assad kan doen wat hij wil. Destijds ging het om chloorwapens, maar de dodelijke kracht van saringas is nog een stuk groter. HRW staat achter de beslissing van de Algemene Vergadering van de VN die een bewijzenbank wil aanleggen. Daarmee creëer je alvast een mechanisme waarmee je een zaak tegen Assad kan bouwen en omzeil je het Russische veto, dat voorlopig elke mogelijkheid tot vervolging door het Internationaal Strafhof blokkeert.’

Elsevier: Veel mensen zijn sceptisch of Assad überhaupt wel zal worden vervolgd.
Roth: ‘Milosevic dacht ook altijd dat hij niet zou worden vervolgd. Het zou naïef van Assad zijn om te denken dat hij altijd aan de macht blijft. Hij zal uiteindelijk wel naar Rusland of Iran vluchten, maar de relatie tussen Assad en de Russische president Vladimir Poetin is niet zo innig. De Russen en Iraniërs zullen Assad opofferen en als wisselgeld gebruiken, zeker wanneer dat hun eigen belang dient. Rusland wil bijvoorbeeld heel graag dat de sancties worden opgeheven die zijn opgelegd naar aanleiding van hun optreden in Oekraïne. Dat geeft Europa de kans om Rusland ter verantwoording te roepen: waarom staan jullie toe dat Assad wreedheden tegen zijn eigen burgers begaat, inclusief uithongeren, vergassen en bombarderen?’

Elsevier: Is het moeilijk om optimistisch te blijven over mensenrechten?
Roth: ‘Poetin en Assad hebben duidelijk de Geneefse Conventie verscheurd. Daarin is afgesproken dat je burgers zoveel mogelijk probeert te beschermen tegen oorlog en van hen zeker geen doelwit maakt. Assad doet het tegenovergestelde, hij valt opzettelijk zijn eigen burgers en hun instituties aan. Bij zo’n fundamentele schending van het oorlogsrecht, moet de internationale gemeenschap optreden. Doen we dat niet, dan riskeren we dat we terugkeren naar een tijdperk van totale oorlog waarin het is geoorloofd dat burgers worden aangevallen. Rusland heeft de sleutel. Maar dat betekent wel dat Europa eerst een vuist moet maken.’

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.