#American Dreamers

Wat kan de Europees-Amerikaanse samenwerking tijdens de onderhandelingen over het Iraanse Nucleaire verdrag ons leren over de toekomst van trans-Atlantische betrekkingen?

20 januari 2018

Op 14 juli 2015, dertien jaar na de toevallige ontdekking van het Iraanse atoomprogramma bereikten de G5 + 1-groep en Iran een overeenkomst. De nucleaire deal is een fundamenteel compromis.

Ndzana N. Jean Yves – Universiteit Leiden

Enerzijds heeft Iran gecommitteerd om haar atoomprogramma in te perken, anderzijds dient de G5 + 1-groep, op basis van het inspectierapport van atoomagentschap IAEA, de sancties op de Iraanse economie op te heffen. Uit onvrede over het Iraanse ballistische programma weigerde de Amerikaanse president het Iraanse nucleaire akkoord aan de Senaat te bevestigen, ondanks de consensus van het IAEA en de inlichtingengemeenschap over de naleving door Iran van de nucleaire overeenkomsten. Deze eenzijdige beslissing van de Verenigde Staten vormt een belangrijke bedreiging voor de levensvatbaarheid van de nucleaire deal waarover twee jaar geleden fel werd onderhandeld. In feite zou de Amerikaanse Senaat, in geval van niet-certificering door de president, sancties kunnen opleggen aan Iran, dat zich op zijn beurt zou terugtrekken uit de overeenkomst.

Gezien de significante risico’s voor de vrede en de internationale veiligheid die de opzegging van de Iraanse nucleaire overeenkomst vertegenwoordigt, waren de Europeanen, historische bondgenoten van de Verenigde Staten, formeel gekant tegen de Amerikanen. Sinds de Amerikaanse oorlog in Irak in 2003 is er zelden een dergelijke breuk geweest in de trans-Atlantische alliantie. In een retrospectieve benadering beoogt dit artikel de Amerikaans-Europese samenwerking te analyseren tijdens de onderhandelingen over het nucleaire programma, zodat er lessen kunnen worden getrokken voor de toekomstige heikele kwesties die een versterkte trans-Atlantische relatie vereisen.

English

What does the European-American cooperation during the
negotiation over the Iranian nuclear negotiation teach for the future of
the transatlantic relationship ?

Thirteen years after the accidental discovery of the Iranian nuclear program, the G5 + 1 group and Iran reach a diplomatic agreement on July 14, 2015. Acknowledged by the resolution, the Iranian nuclear deal is based on a fundamental compromise. On the one hand, Iran is committed to freezing its nuclear program. On the other hand, the G5 + 1 group should, on the basis of the IAEA’s deep inspection reports, lift the crippling sanctions imposed on the Iranian economy. In an anchored tension context on the Iranian ballistic program, the US president refused to certify the Iranian nuclear agreement to the Senate, despite the consensus of the IAEA and the intelligence community on the Iranian compliance with regards to the nuclear agreements.

This unilateral US decision is a significant threat to the viability of the nuclear deal that was fiercely negotiated two years ago. In fact, in case of a non-certification by the President, the US Senate could reimpose sanctions on Iran, which in turn would withdraw from the agreement. Considering the significant risks to peace and international security that the denunciation of the Iranian nuclear deal represents, the Europeans, historical allies of the United States, were formally opposed to the Americans. Since the 2003 American war in Iraq, there has rarely been such a break in the transatlantic alliance. In a retrospective approach, this article aims to analyze the US-European cooperation during the negotiations on the nuclear program in order to highlight some lessons for the next hot issues that will require a strengthened transatlantic relationship.