Privégebruik

Absurde belastingzaken – advocaat met autoverzameling

Door Richard van Boven - 04 januari 2018

Je bent advocaat, en je wilt wat. Op kosten van je BV in exclusieve auto’s rijden, om precies te zijn. De fiscus deelt je passie niet, al snel moet je tonnen euro’s belasting betalen voor het privégebruik.

Meld u hier gratis aan voor de Elsevier Weekblad Belasting Update, de wekelijkse nieuwsbrief met het laatste fiscale nieuws, analyses, achtergronden en commentaren. Elke vrijdag in uw postvak.

Een advocaat is helemaal gek van auto’s en laat zijn persoonlijke holding in drie jaar tijd tientallen exclusieve auto’s kopen. Hij rijdt een paar maanden in de auto’s, daarna worden ze met veel verlies verkocht of ingeruild. De holding schaft meteen weer nieuwe bolides aan, zodat de advocaat die ook kan uitproberen.

Zo kan de advocaat in maar liefst 36 exclusieve auto’s rijden, waaronder Aston Martins, Rolls Royces, Ferrari’s en Bentleys. Op een gegeven moment staan hem maar liefst 28 auto’s ter beschikking, met een waarde van vele miljoenen euro’s.

Geen privégebruik toegestaan

In een gebruiksovereenkomst was bepaald dat er met de auto’s helemaal geen privékilometers mochten worden gemaakt. De advocaat moest voor het woon-werkverkeer zijn eigen auto gebruiken.

Volgens Hof Amsterdam waren de auto’s misschien wel terecht als ondernemingsvermogen aangemerkt, maar de gemaakte kosten waren in elk geval niet aftrekbaar van de winst. De exorbitante kosten waren immers uitsluitend gemaakt omdat de advocaat in zo veel mogelijk exclusieve auto’s wilde rijden. Het Hof merkte de gemaakte kosten aan als winstuitdelingen aan de advocaat, omdat niet aannemelijk was dat de holding ook een autohandel dreef.

Naheffing dividendbelasting

De holding heeft voor de gekochte auto’s btw afgetrokken, maar ook voor de omzetbelasting moet er rekening worden gehouden met mogelijk privégebruik. Het Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting (BUA) regelt dat een deel van de btw niet kan worden afgetrokken als er spullen worden gekocht voor gebruik door werknemers.

Voor de btw gelden afwijkende regels, waardoor de auto’s al snel kunnen worden aangemerkt als ondernemingsvermogen. Daar staat tegenover dat het BUA ook snel privégebruik aanneemt, in dit geval was het genoeg dat de advocaat als enige gebruik kon maken van de auto’s. Bovendien wordt woon-werkverkeer voor de btw ook als privégebruik aangemerkt. Ook de correctie van de btw-aftrek wordt als een winstuitdeling aan de advocaat aangemerkt.

Over de winstuitdelingen is 25 procent dividendbelasting verschuldigd. Hof Amsterdam oordeelde dat de advocaat over een periode van twee jaar voor bijna 1,24 miljoen euro was bevoordeeld door zijn holding. De alsnog verschuldigde dividendbelasting bedroeg ruim 309.000 euro.

De advocaat procedeert voor de btw-correctie tot aan het Hof van Justitie van de EU. Voor de winstuitdelingen gaat hij tot aan de Hoge Raad. Maar het baat hem niet, zowel de btw-correctie als de uitdelingen blijven in stand.

Eerder verschenen in deze serie:

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.