buitenland

Gulen werkt mee met uitlevering, als Amerikanen dat toestaan

Door Elif Isitman - 23 september 2016

De islamitische prediker Fethullah Gulen wil een internationale onderzoekscommissie die onderzoek doet naar de omstandigheden rond de Turkse couppoging in juli. In die commissie zouden experts uit de Verenigde Staten, Duitsland, Nederland en andere landen plaats moeten nemen.

Bovendien zegt hij te willen meewerken aan een eventuele uitlevering naar Turkije. ‘Als de Verenigde Staten ja zeggen, dan ga ik’, zei hij in zijn woonplaats Saylorsburg in de Amerikaanse staat Pennsylvania.

Gulen wordt door de Turkse president Recep Tayyip Erdogan zelf verdacht van het beramen van de coup. De geestelijke woont sinds eind jaren ’90 in zelfverkozen ballingschap in Pennsylvania, en sprak daar met een aantal journalisten, onder meer van het Duitse weekblad Die Zeit.

Gulen beschuldigt Erdogan van coup

Gulen is er heilig van overtuigd dat zijn aartsrivaal Erdogan de staatsgreep op touw heeft gezet om vervolgens een grootscheepse zuivering te kunnen doorvoeren. Die beschuldiging uitte hij al eerder: Erdogan is bezig een dictatuur te stichten, zei hij vlak na de verijdelde coup. ‘Eerst was het een vermoeden, maar het is uitgegroeid tot een zekerheid. Nieuwe onthullingen in Turkije bevestigen mijn conclusie,’ zegt Gulen geheimzinnig, zonder uit te weiden over wat voor onthullingen het gaat.

Volgens Gulen had Erdogan de plannen voor een nepcoup al jaren klaarliggen en wachtte hij slechts op het juiste moment. Over Erdogans verdenking over hem zegt hij slechts: ‘Wanneer ze iets beweren, moeten ze dat hard maken’. Volgens hem hebben de Turkse autoriteiten niet gereageerd op zijn voorstel voor een internationaal onderzoeksteam.

Volgens Gulen zijn de machthebbers in Turkije volkomen van God los. ‘Internationaal recht is niet genoeg om ze te stoppen. Alleen de Europese Unie, Verenigde Staten en NAVO kunnen hen dwingen terug te keren naar de regels en de grondwet te respecteren. Ze zullen niet makkelijk opgeven wat ze al bereikt hebben als er geen internationale druk komt,’ zegt Gulen. Volgens hem heeft Turkije ‘ervaring met de democratie’, maar komt die steeds meer in het geding.

‘Nu zijn wij alles kwijt. Er is geen oppositie, er is geen alternatieve mening die wordt uitgesproken,’ aldus Gulen. De Turkse regering wil dat de Verenigde Staten de rivaal van Erdogan uitleveren, maar de Amerikanen willen eerst hard bewijs zien dat hij een strafbaar feit heeft gepleegd.

Oppositiepartij vecht presidentiële decreten van Erdogan aan

Ondertussen is de grootste Turkse oppositiepartij CHP naar de rechter gestapt om de reeks maatregelen aan te vechten die de regering in het kader van de noodtoestand na de coup heeft genomen. Volgens de CHP heeft de regering de decreten, waarin onder meer staat dat een groot aantal scholen en andere met Gulen verbonden instellingen gesloten moesten worden, binnen een maand aan het parlement voorgelegd.

Volgens Turkse media heeft het parlement zich nog niet over de in totaal acht decreten kunnen buigen omdat het momenteel met reces is. Volgens de CHP heeft de regering van Erdogan daarmee de grondwet geschonden.

Erdogan sprak na de coup meermaals het volk toe met de geruststellende woorden dat er ‘complete eensgezindheid’ was over het regeringsoptreden tegen de coupplegers en hun vermoedelijke medestanders. Hij ging er prat op dat ook de oppositie hem hierin steunde. Die spreekt zich sinds de aanvankelijke behoedzaamheid echter steeds vaker uit tegen de zuiveringen, die zich voornamelijk richten op Gulen-aanhangers binnen de overheid, de media, de academische wereld en het bedrijfsleven.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.