buitenland

Zo reageert Rusland op dreigement Amerika over Aleppo

Door Elif Isitman - 01 oktober 2016

Rusland wil de luchtaanvallen boven Syrisch grondgebied uitbreiden. Het land stuurt nu al meer gevechtsvliegtuigen naar Syrië.

De luchtaanvallen hebben het vooral voorzien op de stad Aleppo, dat gezien de bezetting door verschillende rebellenmilities, een doorn in het oog blijft van de Syrische president Bashar al-Assad.

Ook verklaarde het Kremlin vrijdag dat de Russen geen tijdsbestek hebben voor de militaire operatie in Syrië. Volgens de presidentiële woordvoerder Dmitry Peskov is het resultaat van de Russische luchtcampagne dat er nu geen ‘geen enkele terrorist, noch Islamitische Staat (IS) noch Al-Nusra, in Damascus zit’.

Amerika twijfelt over diplomatie

Rusland, bondgenoot van Assad, belde vrijdag opnieuw met de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry. Eerder kwamen de twee landen tot een wapenstilstand in Syrië, die voor alle partijen gold met uitzondering van terreurgroepen als IS.

Amerika dreigde Rusland afgelopen woensdag dat de Amerikanen de diplomatie met het land dan zouden verbreken en mogelijk over zouden gaan op militaire opties, als Moskou en Damascus niet onmiddellijk stoppen met het bombarderen van Aleppo.

Andere oplossingen voor geweld Aleppo

Vorige week al waarschuwde de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov dat het staakt-het-vuren op instorten stond. Vrijdag zei Lavrov tegen Kerry dat de Russen nu naar ‘andere manieren’ zoeken om de situatie in Aleppo te herstellen. Hij kritiseert de Amerikanen opnieuw vanwege hun steun aan de ‘gematigde’ oppositie. Het zijn allemaal terroristen, vindt Assad en daarmee ook Rusland.

De Verenigde Staten komen enigszins terug op het eerdere dreigement over het stoppen van diplomatie. ‘De diplomatie ligt aan de beademing, maar is nog niet dood,’ aldus woordvoerder Mark Toner. Hij vraagt zich af wat voor opties ze verder nog hebben, als ze diplomatie laten gaan: elke andere actie zou een gevaarlijk conflict met Rusland kunnen opleveren.

 

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.