buitenland

Clinton: Rusland en FBI-baas schuldig aan mijn verlies

Door Elif Isitman - 16 december 2016

De voormalige presidentskandidaat Hillary Clinton spreekt zich uit over de oorzaak van haar verlies van de Amerikaanse presidentsverkiezingen. Volgens haar hebben ‘twee nooit eerder vertoonde gebeurtenissen’ ertoe geleid dat ze geen president is geworden.

Het optreden van FBI-baas James Comey, die kort voor de verkiezingen bekendmaakte dat opnieuw e-mails van Clinton werden onderzocht, en de ‘aanval op ons land’ door hackers van de Russische president Vladimir Poetin zijn volgens Clinton de redenen voor haar verlies, meldt The New York Times.

‘Persoonlijke wrok’ van Poetin

Ze zou de uitspraak donderdagavond tijdens een bijeenkomst met haar donateurs in New York hebben gedaan. Over de brief van Comey sprak ze zich een paar dagen voor de verkiezingen al scherp uit. Nu zei ze letterlijk dat kiezers in de swing states ‘in de laatste dagen hebben besloten met mij te breken vanwege Comeys brief’.

Volgens Clinton komt de Russische inmenging bovendien voort uit de ‘persoonlijke wrok’ die Poetin tegen haar zou koesteren sinds ze in 2011 zei dat de Russische parlementsverkiezingen doorgestoken kaart waren.

Volgens Clinton gaf Poetin haar ‘publiekelijk de schuld van de verontwaardiging van zijn eigen volk.’

Eerste keer dat Clinton zich uitspreekt

‘Dit is niet alleen aanval op mij,’ zei Clinton over de Russische hack. ‘Dit draait om de integriteit van onze democratie en de veiligheid van onze natie’.

Zowel de e-mailaccounts van een deel van de Democratische partijtop als die van Clintons champagnechef John Podesta werden in aanloop naar de verkiezingen gehackt. Volgens de CIA en een beveiligingsbedrijf dat door de Democraten werd ingehuurd werden de cyberaanvallen vanuit Rusland gepleegd. De Amerikaanse president Barack Obama kondigde vrijdagochtend aan ‘maatregelen’ tegen de Russen te willen nemen. Het is de eerste keer dat Clinton zich openlijk uitspreekt over de mogelijke Russische betrokkenheid.

 

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.