buitenland

Jean-Marie Le Pen vervolgd voor antisemitisme, blijft ontkennen

Door Elif Isitman - 12 februari 2017

Het Franse Openbaar Ministerie heeft oud-Front National-leider Jean-Marie Le Pen in staat van beschuldiging gesteld vanwege een antisemitische uitspraak aan het adres van zanger Patrick Bruel. Hij wordt vervolgd voor het zaaien van haat.

Het gaat om een uitlating die Le Pen deed in 2014. Toen haalde hij in een Front National-filmpje uit naar een aantal critici, onder wie Bruel. ‘De volgende keer zullen we een oven voor hem bouwen,’ zei hij over de zanger, die van oorsprong Joods is.

Le Pen ontkent beschuldiging

Le Pen ontkent schuld: volgens zijn advocaat zijn de woorden uit hun verband gerukt en ‘doelbewust verdraaid’. ‘Het woord dat ik gebruikte, “oven”, had duidelijk geen antisemitische connotatie, behalve voor politieke vijanden en dwazen,’ reageerde Le Pen.

Vanwege dit en andere incidenten raakte de 88-jarige Le Pen, vader van Marine Le Pen – de huidige leider van de Franse partij – eerder vervreemd van zijn Front National. Hij zit nog wel in het Europees Parlement namens de partij. Vader Le Pen, die regelmatig van racisme en antisemitisme werd beschuldigd, werd in 2011 buitenspel gezet door Marine. Onder haar leiding groeide Front National uit tot een partij met een bredere steun van de bevolking.

De beschuldiging van antisemitisme leidde er afgelopen najaar toe dat het Europees Parlement zijn onschendbaarheid ophief. Daarmee werd er een weg gebaand voor de vervolging van Le Pen.

Ook opheffing immuniteit Marine

In Brussel wordt overigens ook gekeken naar een eventuele opheffing van de onschendbaarheid van zijn dochter Marine. Franse justitie opende in 2015 een onderzoek naar haar, nadat ze op Twitter foto’s had gedeeld van moorden die werden gepleegd door terreurbeweging Islamitische Staat (IS). Ze plaatste onder meer een foto van de onthoofding van de Amerikaanse journalist James Foley.

Marine Le Pen wordt overigens ook door het Europees Parlement gestraft, omdat ze medewerkers zou hebben ingehuurd van Europees geld om hen vervolgens werk te laten verrichten dat niets met het Europees Parlement te maken had. Omdat zij weigerde het geld terug te betalen, wordt zij nu gekort op haar loon en krijgt ze bepaalde vergoedingen niet.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.