buitenland

Presidentskandidaat Fillon inderdaad strafrechtelijk vervolgd

Door Berend Sommer - 14 maart 2017

François Fillon is officieel in staat van beschuldiging gesteld. Dat werd vandaag  bekendgemaakt door de rechtbank. De presidentskandidaat wordt ervan verdacht misbruik te hebben gemaakt van publiek geld.

Fillon moest vandaag voor de rechter verschijnen. Hij zou zijn vrouw en kinderen beloond hebben voor werk dat ze niet hebben verricht. Zijn vrouw Penelope zou een vergoeding van meer dan 800.000 euro hebben ontvangen voor politiek advies. Ook zou Fillon zijn zoons een onkostenvergoeding hebben betaald voor juridische bijstand.

Het was al de verwachting dat hij in staat van beschuldiging zou worden gesteld, nu blijkt dit daadwerkelijk het geval. De afgelopen twee weken kwam zijn deelname aan de Franse presidentsverkiezingen ter discussie te staan. Zijn eigen partij, de centrum-rechtse Les Républicains, heeft om zijn aftreden gevraagd.

Fillon stapt niet op

Ondanks de toenemende druk van zijn partij heeft Fillon steeds voet bij stuk gehouden: hij weigert zich terug te trekken uit de verkiezingen. Wel heeft hij zijn excuses aangeboden voor de gang van zaken. Fillon zegt slachtoffer te zijn van karaktermoord. Links zou het op zijn geloofwaardigheid hebben voorzien, om zijn kandidatuur te torpederen.

Door zijn vasthoudendheid wist hij de partij opnieuw achter zich te krijgen. Herhaaldelijk beriep Fillon zich erop dat hij de steun heeft van het Franse volk. Tijdens de voorverkiezingen in november kreeg hij een breed mandaat van de bevolking. Het is echter onduidelijk in hoeverre de kiezers een kandidaat willen steunen die strafrechtelijk kan worden vervolgd.

Maatpakken voor 13.000 euro

Morgen komt het Franse weekblad Le Canard Enchainé met nieuwe onthullingen over Fillon. Hij zou 13.000 euro van een vriend hebben gekregen om twee maatpakken te laten maken bij de exclusieve kledingwinkel Arnys. Op dit nieuws antwoordde Fillon in de stijl van oud-president François Mitterrand: ‘Et alors?’

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.