Syrië

Rusland en Amerika liggen weer eens met elkaar overhoop

Door Tom Reijner - 27 juni 2017

Het Witte Huis vermoedt dat de Syrische president Bashar al-Assad een nieuwe gifgasaanval voorbereidt. Mocht die worden uitgevoerd, dan zal het Syrische regime ‘een hoge prijs betalen’. Rusland, bondgenoot van Assad, spreekt van een provocatie.

Kremlinwoordvoerder Dmitri Peskov zegt dinsdag dat hij ‘geen enkele informatie’ heeft dat het regime op het punt zou staan chemische wapens in te zetten. ‘Wij vinden dit soort bedreigingen aan het adres van de rechtmatige leider van de Syrische Arabische Republiek onaanvaardbaar,’ aldus Peskov.

Assad kan nieuwe raketten verwachten

De Amerikanen hadden eerder vandaag een niet mis te verstane waarschuwing. Sean Spicer, woordvoerder van het Witte Huis, zei met zoveel woorden dat Assad opnieuw raketten kan verwachten als hij opnieuw een chemische aanval uitvoert.

Het Syrische leger bestookte in april de provincie Idlib met gifgas. Daarbij vielen tientallen dodelijke slachtoffers. Rusland heeft altijd volgehouden dat het hier niet ging om een aanval op onschuldige burgers, maar dat Syrië een gifgasdepot van de rebellen had geraakt.

Vele lijnen overschreden

Hoe het ook zij, de Amerikaanse president Donald Trump, besloot na het zien van de beelden, in actie te komen. Vanaf de Middellandse Zee werden 59 Tomahawk-raketten afgevuurd op de militaire vliegbasis Al Shayrat, ten oosten van de Syrische stad Homs. De beoogde doelen waren Syrische gevechtsvliegtuigen, oorlogsapparatuur, munitie- en brandstofdepots.

Volgens Trump bestaat er geen twijfel dat Syrië achter de gifgasaanval zat, een lezing die door Rusland, bondgenoot van Syrië, wordt betwist. En hij zei ook het zo weer te doen, mocht Assad opnieuw naar de chemische wapens grijpen: Assad heeft ‘vele, vele lijnen’ overschreden, zei Trump.

Spanning stijgt

De spanningen tussen Amerika enerzijds en Syrië – en bondgenoten Rusland en Iran – anderzijds zijn de afgelopen tijd opgelopen. Ruim een week geleden waarschuwde het Kremlin dat elk gevechtsvliegtuig van de coalitie dat zich ten westen van de rivier de Eufraat bevindt – het gebied waar ook de Russen vliegen – een potentieel doelwit is.

Even daarvoor hadden de Amerikanen een Syrisch gevechtsvliegtuig neergehaald. Dat zette natuurlijk kwaad bloed in Rusland. Het Kremlin liet voorts weten dat het stopt met de speciale hotline die is bedoeld om bijvoorbeeld botsingen en schermutselingen in het volle luchtruim boven Syrië te voorkomen.

De Amerikanen en Russen kunnen elkaar dus vooralsnog niet vinden op het Syrië-dossier. Integendeel: de Amerikaanse VN-ambassadeur Nikki Haley gooide maandagavond extra olie op het vuur:

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.