#Noord-Korea

Na nieuwe rakettest: ‘Noord-Korea ook gevaar voor Europa’

Door Emile Kossen - 15 september 2017

Na een nieuwe rakettest van Noord-Korea moet ook Europa vrezen voor een mogelijke aanval. Dat zegt de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders, die hoopt op een gezamenlijke aanpak van de internationale gemeenschap.

Noord-Korea voerde vrijdagochtend opnieuw een rakettest uit. Het is nog niet duidelijk om wat voor soort projectiel het ging. Wel is bekend dat het over Japan vloog en uiteindelijk zo’n 3.700 kilometer wist te overbruggen. Het zorgde voor grote schrik in Japan, waar inwoners werd geadviseerd dekking te zoeken in een stevig gebouw of ondergrondse locatie.

De raket had theoretisch ook het Amerikaanse eiland Guam kunnen bereiken, op zo’n 3.400 kilometer afstand. De test lijkt een reactie op nieuwe sancties aangenomen door de VN-Veiligheidsraad, waarop het Noord-Koreaanse ‘vredescomité’ woedend reageerde.

Zorgen voor Europa
In een reactie op de nieuwe test zegt Koenders (PvdA) dat ook Europa zich zorgen moet maken, omdat Noord-Korea al verscheidene keren heeft laten zien langeafstandsraketten met succes te kunnen lanceren. Vorige week waarschuwde de Franse minister van Defensie, Florence Parly, al dat Noord-Koreaanse raketten Europa ‘eerder dan verwacht’ kunnen raken.

Kim Jong-un ‘test niet alleen nucleaire wapens, ook de internationale gemeenschap’, aldus Koenders. Hij hamert erop dat Rusland en China onderdeel zijn van een gezamenlijke aanpak van het totalitaire regime. ‘Als de grote landen uit elkaar zouden vallen, hebben we een groot probleem.’

De Russische leider Vladimir Poetin en de Franse president Emmanuel Macron zetten vrijdag een stap in de richting van meer samenwerking. De twee roepen op tot open onderhandelingen met Noord-Korea, in een poging de spanningen te verlagen. Momenteel zijn er geen officiële gesprekken gaande tussen bijvoorbeeld Noord-Korea en het Zuiden – en reageren de landen in de regio, inclusief Amerika, op elkaars acties met heftige uitspraken.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.