Brexit

Britse Hooggerechtshof unaniem: schorsing parlement onwettig

Door Leanne Sneep - 24 september 2019

Opnieuw een nederlaag voor de Britse premier Boris Johnson. Het Britse Hooggerechtshof besloot woensdag unaniem dat Johnsons besluit onwettig is om het parlement te schorsen tot 14 oktober. Elf rechters oordeelden dat de schorsing het parlement hindert in de uitvoering van zijn grondwettelijke functies. Woensdag komt het parlement weer bij elkaar.

Wat heeft het Britse Hooggerechtshof besloten?

Het Britse Hooggerechtshof deed woensdag twee uitspraken. Allereerst oordeelde het hof dat de rechterlijke macht mag ingrijpen in een ruzie tussen het parlement en de regering. Zo verklaarde het Britse Hooggerechtshof de uitspraak van een lagere Londense rechtbank ongeldig. Die zei dat rechters geen zeggenschap hebben over politieke beslissingen.

Lees hier het portret dat Elsevier Weekblad maakte over de premier

Cover Elsevier weekblad editie 31 2019

Boris Johnson, de man die de Brexit moet leveren

De belangrijkste uitspraak van het Hooggerechtshof was het onwettig verklaren van de parlementaire schorsing die Johnson op 10 september liet ingaan.

De voorzitter van het Hooggerechtshof Brenda Hale stelde in de uitspraak: ‘Het besluit om de Koningin te adviseren het parlement te schorsen, was onwettig, omdat het tot gevolg had dat het parlement, zonder redelijke rechtvaardiging, werd verhinderd zijn grondwettelijke functies uit te voeren.’

Hale voegde toe dat Johnson met de verkeerde motieven koningin Elizabeth heeft geadviseerd en dat dat misleiding is. Voor veel Britten moet dit een reden zijn voor Johnson om op te stappen.

De jury benadrukte dat de uitspraak over de schorsing niets met de Brexit te maken heeft.

Hoe wordt er gereageerd?

Johnson heeft gezegd dat hij het ‘zeer oneens’ is met de uitspraak van het Britse Hooggerechtshof, maar dat hij deze respecteert. De Britse premier verblijft in New York voor een top van de Verenigde Naties. ‘Het belangrijkste is dat we doorgaan en op 31 oktober de Europese Unie verlaten,’ zei Johnson. Hij vliegt een dag eerder terug uit New York.

De rechterlijke uitspraak laat nog twee opties open voor Johnson. Hij kan opstappen of nieuwe verkiezingen uitschrijven. De regering heeft al laten weten dat opstappen niet aan de orde is. De grote vraag is of Johnson het vertrouwen van zijn partij behoudt. Diverse Conservatieven uitten eerder al kritiek.

De Britse oppositie wil dat Johnson aftreedt als premier. ‘Het oordeel van het Hooggerechtshof toont dat de premier verkeerd handelde door het parlement te schorsen,’ zei Labourleider Jeremy Corbyn in een reactie. ‘Ik nodig Johnson uit om zijn positie als premier te heroverwegen en de kortst dienende premier ooit te worden.’

Jo Swinson, leider van de Liberaal Democraten, noemt het vonnis van het Hof gerechtvaardigd. ‘De schorsing was onwettelijk en diende om het parlement te weerhouden van het uitvoeren van zijn werkzaamheden en de regering te controleren,’ zei de partijleider. ‘De beslissing van het hof laat zien wat we altijd al hebben geweten, Johnson heeft laten zien dat hij ongeschikt is als premier.’

Het Europese Parlementslid en oud-premier van België Guy Verhofstadt reageert opgelucht: ‘Het rechtssysteem is alive and kicking. Parlementen moet nooit het zwijgen worden opgelegd,’ twittert Verhofstadt. ‘Ik wil nooit meer vanuit het Verenigd Koninkrijk horen dat de Europese Unie ondemocratisch is.’

Wat betekent de uitspraak voor Brexit?

De gevolgen van de uitspraak zijn groot voor de Brexit. Diverse opties liggen nog open:

  1. Begin september stemde het parlement voor een wet die een No Deal-Brexit tegenhoudt. Als Johnson geen meerderheid van het parlement voor zijn voorstel voor een No Deal-Brexit krijgt, zal hij opnieuw uitstel moeten aanvragen bij de Europese Unie.
  2. Johnson kan om de No Deal-Brexit-wet heen werken. Zo kan hij uitstel vragen bij de EU en tegelijkertijd aan Brussel laten weten dat de EU zijn aanvraag kan negeren of afwijzen. Ook als Johnson niet om afwijzing vraagt, zou de Europese Unie uitstel kunnen weigeren.
  3. Ook een nieuwe deal is nog niet volledig uitgesloten. Als het Johnson lukt om voor 31 oktober een meerderheid in het parlement achter een deal te krijgen, verlaten de Britten de EU alsnog met een overeenkomst. Eerdere pogingen om een nieuwe deal te sluiten, mislukten. Deze optie lijkt dan ook niet waarschijnlijk.
  4. De oppositie kan ook het vertrouwen in de regering opzeggen. Is er een meerderheid in het parlement die deze motie van wantrouwen steunt, dan mag de regering in 14 dagen proberen het vertrouwen terug te winnen, eventueel met een nieuwe minister-president. Lukt dit niet, dan volgen nieuwe verkiezingen.
  5. De regering kan ook vervroegde verkiezingen uitschrijven. Dat kan als Johnson het vertrouwen in zijn eigen regering opzegt. Ook kan een nieuwe wet worden ingevoerd die de datum van de verkiezingen naar voren haalt. Met zo’n wet zou slechts een meerderheid nodig zijn, in plaats van de tweederde meerderheid die nodig is voor het uitroepen van nieuwe verkiezingen.
  6. In 2018 paste het Europese Hof artikel 50 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie aan. Artikel 50 is een procedure voor landen die de Europese Unie willen verlaten. Het Hof oordeelde dat een EU-land zelf mag beslissen om de procedure stop te zetten en daarvoor geen akkoord van andere EU-landen nodig heeft. Dit stelt de Britten in staat om de hele Brexit-procedure alsnog te beëindigen. Het lijkt onwaarschijnlijk dat Johnson deze maatregel neemt, maar met een nieuwe regering – gevormd na eventuele verkiezingen – is die kans een stuk groter.

Hoe kwam de rechtszaak tot stand?

Begin september schorste Johnson het parlement voor vijf weken. Het Lagerhuis wordt wel vaker geschorst voor partijcongressen. Johnsons besluit was controversieel omdat de schorsing ongewoon lang was. Volgens critici zou Johnson via deze weg proberen aan te sturen op een (harde) Brexit op 31 oktober.

Lees ook het commentaar van Arendo Joustra: Bizar dat Johnson zo makkelijk parlement buiten spel kan zetten

Diverse critici van de premier spanden daarom rechtszaken aan. Zo maakte de zakenvrouw en filantroop Gina Miller bezwaar bij een Londense rechtbank. Miller won eerder al een rechtszaak tegen de regering, waarmee ze toenmalig premier Theresa May dwong het parlement te informeren over haar Brexit-plannen. De laatste rechtszaak tegen de regering verloor ze. Een Britse rechter verwierp haar bezwaar met het argument dat de rechtbank geen zeggenschap over politieke besluiten heeft.

Ook Joanna Cherry, politicus van de Schotse Nationale Partij, ging de strijd aan met Johnsons besluit. Onder haar leiding gingen 75 parlementsleden in hoger beroep tegen een uitspraak van een Schotse rechter die de schorsing als wettig beoordeelde. Cherry won. Het Schotse Hooggerechtshof besloot dat de schorsing inderdaad onwettig was en dat Johnson koningin Elizabeth een misleidend beeld van de stand van zaken heeft voorgespiegeld.

Met de uitspraak van het Britse Hooggerechtshof dinsdag zijn de juridische procedures over de schorsing van het Lagerhuis voltooid.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.