buitenland

De geschiedenis van de onthoofding: van de Romeinen tot IS

Door Tom Reijner - 27 augustus 2014

Onthoofdingen zijn de laatste tijd veel in het nieuws. Zo was er de moord op de Amerikaanse journalist James Foley en woensdag werd ook Frankrijk opgeschrikt door een onthoofding. Deze gruwelijke praktijk kent al een lange geschiedenis.

Het lijkt wel een ‘trend’, die onthoofdingen. Na de brute moord op Foley door IS kwamen meer onthoofdingen in het nieuws. Bij een gevangenisopstand in Brazilië werden van twee gevangenen het hoofd afgesneden (en twee anderen van het dak geduwd). Woensdag ontdekte de Franse politie het lichaam van een levenloze man, zonder hoofd.

Sociale media

Het heeft er veel van weg dat terreurgroeperingen als IS dit soort misdaden vooral gebruiken voor publicitaire doeleinden: de filmpjes met onthoofdingen worden veel gedeeld op de sociale media.

Dat oefent kennelijk aantrekkingskracht uit op radicale moslims, die na de moord op de Amerikaanse journalist Foley op Twitter en op Facebook opgetogen commentaar gaven. ‘De Islamitische Staat heeft haar eerste Amerikaan al te pakken,’ schreef ene Abdullah West op Facebook.

Eervol

De geschiedenis van onthoofdingen – soms besloten, maar vaak ook publiekelijk – gaat ver terug. Het was een relatief goedkope executie, in tegenstelling tot de galg: al wat de beul nodig had, was een bijl of een zwaard.

De Grieken en Romeinen gaven de voorkeur aan onthoofdingen, omdat zij dat een meer eervolle en pijnloze dood vonden dan andere methoden die destijds werden gebruikt – mits het voorwerp van de beul goed was geslepen. Deze dood was alleen weggelegd voor Romeinen – inwoners van buiten de stad werden vaak gekruisigd.

In de Middeleeuwen, bijvoorbeeld in Engeland, werd de dood door onthoofding alleen toegestaan voor mensen in de hogere klassen, zoals de adel en ridders. Voor anderen die zich schuldig maakten aan hoogverraad wachtte de strop, de verdrinkingsdood of vierendeling.

In een land als China daarentegen komt de Europese praktijk van onthoofdingen nauwelijks voor: de scheiding van het hoofd met het lichaam wordt gezien als respectloos. De voorkeur wordt gegeven aan methoden als vergif.

Moordmachine

Eeuwen later was daar de guillotine. Ten tijde van de Franse Revolutie (rond 1789) introduceerde de Franse dokter Joseph-Ignace Guillotin zijn onthoofdingsconstructie met ‘dit wapen zal de doodstraf eerlijker en humaner maken’.

Een dergelijke moordmachine was overigens niet nieuw: historici vermoeden dat deze constructie al in het stenen tijdperk werd gebruikt. Maar de Fransen schiepen een moderner model, met onder meer verbeteringen aan het blad van de ijzeren valbijl.

Die werd schuiner gemaakt, waardoor de executies soepeler verliepen. Ook de nazi’s maakten gebruik van de guillotine. Naar schatting hebben zij 16.000 terdoodveroordeelden omgebracht met dit apparaat, waaronder Sophie Scholl, een bekende Duitse verzetsvrouw.

Voor ogen

In de 21ste eeuw zijn er nog maar een paar landen waar de dood door onthoofding wordt voltrokken. Dat zijn Iran, Jemen, Qatar en Saudi-Arabië. Het laatstgenoemde land, dat zucht onder een streng-islamitisch bewind, is het enige land dat deze vorm van de doodstraf nog uitvoert.

Sinds de val van de Iraakse dictator Saddam Hussein in 2003 worden onthoofdingen ingezet door terreurgroepen, vaak als afschrikwekkend voorbeeld richting vijanden. Dat is precies wat IS-terroristen, die opereren in Irak en Syrië, voor ogen hebben met de onthoofding van Foley: de Amerikanen laten zien dat met hen niet te spotten valt.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.