buitenland

‘IS en "gematigde" strijders in Syrië sluiten bestand’

Door Shari Deira - 14 september 2014

De Islamitische Staat (IS) zou tot een overeenkomst zijn gekomen met ‘gematigde’ rebellen in Syrië. Ze willen niet langer elkaar bestrijden, maar zich gezamenlijk vooral richten op de strijd tegen de Syrische regering.

Volgens de Syrian Observatory for Human Rights, een waakhond gevestigd in Londen, zijn IS en de gematigde strijders tot de overeenkomst gekomen in Hajar al-Aswad, een buurt in de Syrische hoofdstad Damascus.

Bestand

‘De twee partijen zullen het bestand naleven, tot er een structurele oplossing is en ze beloven elkaar niet aan te vallen, omdat het Nussayri regime de voornaamste vijand is,’ zouden de partijen hebben verklaard. Nussayri is een kleinerende benaming voor de Alawieten, de geloofsgemeenschap waartoe de Syrische president Bashar al-Assad behoort.

Het bestand zou er zijn gekomen op aandringen van Al-Nusra, een terroristische groepering gelieerd aan Al-Qa’ida. Een andere groep die het bestand ook erkent, is het Syrische Revolutionaire Front. Dit is een van de groepen die de Amerikaanse president Barack Obama wil bewapenen.

Het Syrische Revolutionaire Front werd in maart door Foreign Policy nog omschreven als de ‘best fighting chance’ voor het Westen in de strijd tegen islamitische groeperingen.

De leider van de groep, Jamal Maarouf, heeft in een eerder interview met The Independent gezegd dat hij niet strijdt tegen extremistische groeperingen, maar tegen het regime van Assad. Maarouf zei dat iedereen die vecht tegen Assad welkom is.

Klaarstomen

De Verenigde Staten denken dat er vijfduizend ‘gematigde rebellen’ zijn die kunnen strijden tegen IS. Zij zouden in Saudi-Arabië kunnen worden getraind. De Amerikaanse president Barack Obama wil daarvoor 500 miljoen dollar vrijmaken om deze strijders klaar te stomen.

Pentagon-woordvoerder John Kirby erkende zaterdag dat het lastig wordt om de juiste strijders te vinden, omdat de Syrische oppositie niet een geheel is. ‘Het is een niet erkende strijdkracht. Er is geen leider van de oppositie, zeker niet in militair opzicht.’

Volgens Kirby kan het maanden duren voordat de trainingen kunnen beginnen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.