buitenland

IS-opmars gestuit, maar einde kalifaat is nog niet in zicht

Door Robbert de Witt - 01 december 2014

Dankzij de luchtaanvallen van de coalitie onder Amerikaanse leiding is de expansie van Islamitische Staat voorbij. Maar grote terreinwinst op het IS-leger wordt nog niet geboekt.

Al bijna vier maanden lang wordt IS gebombardeerd en als je de persbriefings van Amerikaanse en Europese generaals mag geloven, gaat het de goede kant op met de oorlog tegen het kalifaat in Syrië en Irak.

De blitzkrieg van het moslimextremistische leger onder leiding van de zelfverklaarde kalief Abu Bakr al-Baghdadi is gestuit, nadat in een mum van tijd eenderde van Irak en – eerder al – eenderde van Syrië was veroverd.

Voorlopig is IS zelfs teruggedrongen in de zwaar belegerde stad Kobani in Syrië.

Oliebronnen

Volgens het Pentagon waren er sinds augustus 883 luchtaanvallen op konvooien, opslagplaatsen en commandocentra van IS. Zeker duizend jihadisten vonden de dood, onder wie zeven hoge commandanten.

En de inkomsten van IS zouden zijn opgedroogd. Verdiende IS afgelopen zomer naar schatting 1 miljoen dollar per dag met de verkoop van olie, inmiddels zijn ook oliebronnen en transporten met succes onder vuur genomen. En vorige week zou het Iraakse leger Baiji, de grootste olieraffinaderij van het land, hebben heroverd. Staat IS op het punt te breken?

To degrade and destroy‘ beloofde de Amerikaanse president Barack Obama toen hij zijn aanvalsplan in september onthulde – een kopje kleiner maken en vernietigen.

Schuilen

Maar de Amerikaanse militair analist Michael Eisenstadt, verbonden aan de denktank Washington Institute, denkt dat het bij indammen zal blijven: ‘Succes zou al betekenen dat IS is gemarginaliseerd en zodanig verlamd dat het geen grondgebied kan houden en zeker niet kan groeien.’ En zelfs dat kan volgens hem nog jaren duren, mogelijk zelfs een decennium.

Anthony H. Cordesman, analist bij het Center for Strategic and International Studies in Washington, wijst er in een recent rapport op dat de bombardementen ook weer niet zo veel voorstellen. Meestal zijn er niet meer dan 25 aanvallen per dag, terwijl de vijand zich steeds beter leert te verplaatsen en te schuilen.

Drones

De bombardementen zijn bovendien duur: drones en bommenwerpers in de lucht houden is kostbaar, net als de geavanceerde raketten die worden gebruikt.

Een woordvoerder van het Pentagon liet onlangs los dat de oorlog de Amerikaanse regering 300.000 dollar per uur kost. Obama heeft het Congres om 5,6 miljard dollar gevraagd – genoeg dus om de oorlog tot ver in 2016 te financieren.

IS-militanten houden zich ondanks de bommen niet schuil. Uit een analyse van de Britse militaire onderzoeksgroep IHS Jane’s Terrorism and Insurgency Center blijkt dat IS in de afgelopen vier maanden juist meer aanvallen uitvoerde dan vóór 8 augustus, toen de Amerikaanse luchtaanvallen begonnen: in juli telden de onderzoekers 108 aanvallen, in oktober 141.

Mengen

Luchtaanvallen kunnen bovendien tegen de anti-IS-coalitie gaan werken. Gevreesd wordt dat IS-soldaten zich verschuilen tussen burgers, zoals Hamas succesvol doet tijdens Israëlische offensieven. Bij iedere burgerdode groeit de haat van moslims tegen het Westen, waarna meer buitenlandse jihadisten zich aanmelden bij IS.

Volgens Obama’s plan is de volgende stap daarom dat lokale groepen – het Iraakse leger, sjiitische milities, Koerden – onder dekking van luchtaanvallen IS-gebied gaan heroveren. Westerse special forces moeten zich gaan mengen onder deze groepen, om ter plaatse de exacte coördinaten voor luchtaanvallen door te geven. Het Witte Huis zei twee weken geleden dat er nog eens 1.400 ‘adviseurs’ naar Irak vertrekken – boven op de 1.500 die er al zijn.

Patstelling

‘Too small, too late. En het zal alleen maar leiden tot een patstelling,’ zei luitenant-generaal Mike Barbero, een van de Amerikaanse bevelhebbers die tussen 2003 en 2011 in Irak waren gestationeerd, in een reactie tegen NBC News.

Want hoewel IS blijkbaar weinig terreinwinst meer boekt, staat er nog helemaal geen leger klaar om het de moslimextremisten moeilijk te maken. De hoogste Amerikaanse militair, generaal Martin Dempsey, zei in het Congres dat er zeker 80.000 militairen nodig zijn om IS te verslaan.

Het Iraakse leger heeft volgens analist Cordesman echter nauwelijks 20.000 soldaten paraat, de Koerden een paar duizend man. En het kan nog maanden duren voordat de 5.000 ‘gematigde’ Syrische rebellen hun gevechtstraining in Saudi-Arabië hebben afgerond.

Bezem

De Koerden willen eerst zwaardere wapens van het Westen – Apache-helikopters en tanks – voordat ze een groot offensief lanceren. En in de provincie Anbar heeft het Iraakse leger de afgelopen maand vooral nederlagen tegen IS geleden.

Begin november haalde de nieuwe premier van Irak, Haider al-Abadi, de bezem door de legertop: 26 hoge officieren werden vervangen, 10 met pensioen gestuurd. Geen teken dat Bagdad tevreden is over de voortgang van de oorlog.

In de Duitse krant Die Welt zei de Iraakse IS-kenner Hisham al-Hashimi dat de coalitie nu op hetzelfde punt is als de Geallieerden in de oorlog tegen nazi-Duitsland in 1941: het begin van het einde dus. Maar de oorlog zou toen nog vier jaar duren.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.