buitenland

Censuur in Turkije: Erdogan ontzegt media steeds meer vrijheid

Door Laura van Dijk - 20 januari 2015

De Turkse regering presenteerde dinsdag een wet die het mogelijk maakt voor Turkse autoriteiten om een website uit de lucht te halen zonder tussenkomst van een rechter. De regering voert als reden de ‘bescherming van de openbare orde’ aan.

Het Turkse College van Telecommunicatie (TİB) zou een website binnen vier uur offline moeten halen op verzoek van de Turkse president Recep Tayyip Erdogan en het ministerie van Algemene Zaken.

Alle inhoud die een gevaar vormt voor ‘het recht om te leven, de nationale veiligheid of de algemene gezondheid’ mag door het College worden verwijdert of geblokkeerd. Dat staat in de nieuwe clausule van de uitgebreide mediawet van regerend AK Partij (‘Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling’).

Staatsgeheim

Een wet die gedeeltelijk gelijke bevoegdheden aan het TİB gaf, werd september vorig jaar door het parlement aangenomen. Na protesten van onder meer oppositiepartij CHP (‘Republikeinse Volkspartij’) heeft het Constitutioneel Hof de wet ongeldig verklaard.

Vorige week dreigden Turkse autoriteiten ook al om Twitter af te sluiten. De aanleiding was het plaatsen van bewijsstukken over een vermeende Turkse wapenleverantie aan terreurorganisatie Al-Qa’ida in Syrië door linkse krant BirGün.

De vrachtwagens probeerden in werkelijkheid humanitaire hulp te verlenen aan Turkse minderheden over de grens, beweerden de autoriteiten. Inmiddels heeft Turkije de documenten als ‘staatsgeheim’ bestempeld.

Persvrijheid

De krant en haar sympathisanten bleven na het verbod echter creatieve tweets met dezelfde inhoud plaatsten. Vorig jaar maart haalden de Turkse autoriteiten Twitter ook al uit de lucht: een aantal gebruikers plaatsten berichten over corruptie door vertrouwelingen van de premier.

Een ander media-incident betreft de korte ontvoering van Nederlandse journaliste Fréderike Geerdink een aantal weken geleden. Ze werd naar eigen zeggen opgepakt door de Turkse politie op verdenking van het verspreiden van ‘propaganda voor een terroristische organisatie’. Geerdink werd kort daarna weer vrijgelaten.

Daler

Critici vragen zich steeds sterker af wat de Turkse premier Ahmet Davutoglu te zoeken had bij de mars in Parijs voor de vrijheid van meningsuiting.

Turkije staat op plek 154 van de 179 in de index van wereld-persvrijheid van 2013 van Reporters Without Borders, een organisatie voor de persvrijheid. Het land staat nu al zeer laag: met oog op de recente ontwikkelingen zal Turkije vermoedelijk nog verder dalen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.