buitenland

Drie vragen over het gecrashte AirAsia-vliegtuig

Door Laura van Dijk - 12 januari 2015

Duikers hebben maandag een zwarte doos van het verongelukte AirAsia-toestel geborgen vanuit de Javazee: de tweede is gelokaliseerd. Eerder werd de zoektocht naar lichamen en brokstukken bemoeilijkt door het slechte weer.

Het onderzoeksteam in Indonesië denkt dat het analyseren van de zwarte dozen twee weken tot een maand in beslag neemt.

De eerste zwarte doos, de flightdatarecorder, werd zondag al gelokaliseerd. De doos lag echter op ongeveer 32 meter diepte vast tussen andere wrakstukken. Deze zwarte doos bevat alle vluchtgegevens van het laatste deel van de vlucht.

‘Om 7.11 uur is het ons bergingsteam gelukt om de datarecorder omhoog te takelen,’ zei een coördinator van de zoektocht Fransiskus Bambang Soelistyo op een persconferentie.

De cockpitvoicerecorder werd snel daarna gevonden, deze bevat de gesprekken die in de cockpit zijn gevoerd, zoals informatie over radioverkeer. De tweede zwarte doos moet nog geborgen worden.

1. Welke brokstukken van het toestel zijn terecht?

De dozen lagen dicht bij elkaar, op vier kilometer van de vindplaats van het staartstuk van de Airbus A320-200.

Het hoofd van het transportcomité Tatang Kurniadi zegt dat de zwarte dozen in goede staat verkeren. Vaak worden de apparaten in het staartstuk van het vliegtuig geplaatst, omdat de romp dan geheel als ‘kreukelzone’ kan dienen tijdens een ongeluk.

Het staartstuk van het vliegtuig werd zaterdag al uit het water gehaald.

De bergingswerkers dachten zondag de romp van het AirAsia vliegtuig te hebben gevonden. Met behulp van de sonarapparatuur is er een brokstuk van 10 bij 4 bij 2,5 meter ontdekt, zegt de leider van de bergingsoperatie.

2. Wat weten ze over de oorzaak van de crash?

Eerder werd vermoed dat de oorzaak van de crash het zware weer was. De vondst van de zwarte dozen zijn een grote stap in het achterhalen van de toedracht van het vliegtuigongeluk.

‘Pas na het onderzoeken van deze gegevens kan een conclusie getrokken worden,’ zegt een coördinator van de zoektocht Madjono Siswosuwarno.

Onderzoeker van het agentschap voor redding- en bergingswerkzaamheden Suryadi Supriyada zei maandag dat in het vliegtuig mogelijk eerst een explosie heeft plaatsgevonden, voordat het toestel terecht kwam in het water.

De ontploffing zou het gevolg zijn geweest van een grote plotselinge drukverandering. Direct na deze verklaring maakte onderzoeker Santoso Sayogo bekend dat er geen gegevens zijn die de theorie ondersteunen.

3. Vordert zoektocht naar de slachtoffers?

AirAsia vlucht QZ-8501 stortte 28 december in zee met 162 mensen, waarvan zestien kinderen en één baby, aan boord: niemand heeft de crash overleefd.

Er zijn inmiddels 48 lichamen gevonden, de lichamen van veel passagiers bevinden zich vermoedelijk nog in de vermiste romp van het vliegtuig.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.