buitenland

Waarom vermiste vlucht MH370 nu officieel een ‘ongeluk’ is

Door Laura van Dijk - 29 januari 2015

Maleisië heeft de verdwijning van vlucht MH370 van Malaysia Airlines nu officieel als ‘ongeluk’ bestempeld. De maandenlange zoektocht naar het toestel heeft vooralsnog niets opgeleverd.

De Boeing 777 verdween op 8 maart vorig jaar spoorloos tijdens een vlucht van Kuala Lumpur, de hoofdstad van Maleisië naar Peking. Het vliegtuig dwaalde af van zijn koers en verdween uiteindelijk van de radar.

Sindsdien zijn de Maleisische regering en internationale onderzoekers – waaronder het Nederlandse bedrijf Fugro – op de bodem van de Indische Oceaan op zoek  naar het vliegtuig.

Compensatie

‘Er wordt verondersteld dat alle 239 passagiers en crewleden aan boord van het vliegtuig zijn omgekomen,’ zei directeur-generaal Azharuddin Abdul Rahman van de Maleisische burgerluchtvaartautoriteit tijdens de persconferentie donderdag. Hij voegt daar bovendien aan toe dat ‘er geen bewijs is dat een andere afloopt ondersteunt’.

Deze verklaring maakt het mogelijk om de nabestaanden van de slachtoffers te compenseren, nu kunnen de juridische procedures worden gestart. Malaysia Airlines is direct in staat om de schadevergoedingen uit te betalen. Wel gaat de zoektocht naar de Boeing gewoon door, benadrukt Abdul Rahman.

Protest

Chinese nabestaanden van de passagiers van vlucht MH370 protesteerden eerder op de dag bij de ambassade van Maleisië in Peking. Aanleiding hiervoor waren de geruchten dat de zoektocht naar het verdwenen vliegtuig mogelijk zou worden gestaakt.

Woensdag maakte de Maleisische minister van Transport Aziz Kaprawi bekend dat op 7 maart – bijna een jaar na dato – een voorlopig rapport over vlucht MH370 verschijnt. ‘Het bevat details over het technische onderzoek,’ zei hij, daarnaast zijn er de bevindingen van het internationale onderzoek in opgenomen.

De Internationale Burgerluchtvaartorganisatie had Maleisië opgedragen om binnen een jaar met een verslag over de vermissing van de Boeing 777 te komen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.