buitenland

Armeense genocide gaat vooral over identiteit

Door Servaas van der Laan - 24 april 2015

Met de Armeense genocide wilden de Ottomanen de Armeniërs niet alleen fysiek uitmoorden, maar vooral ook ontdoen van hun erfgoed en identiteit. De Armeniërs die nu in Turkije leven, proberen die identiteit te hervinden.

De eerste vijfentwintig jaar van zijn leven dacht Armen Demirjian dat hij Koerdisch was. Totdat oude mannetjes in het dorp zijn familiegeschiedenis onthulden. De opa van Armen was een Armeniër die honderd jaar geleden de volkerenmoord wist te overleven.

Identiteit weggevaagd

Het verhaal van Armen, dat werd opgetekend door The New York Times, staat niet op zichzelf. De Armeniërs die de etnische zuivering overleefden, vaak vrouwen en kinderen, werden in veel gevallen opgenomen in Turkse of Koerdische families. Om niet op te vallen pasten zij zich aan de gebruiken en tradities van die families aan. Vaak betekende dit dat zij converteerden tot de islam.

Volgens genocide-expert Anthonie Holslag is het juist dit wegvagen van de Armeense identiteit wat dit drama van honderd jaar geleden tot genocide maakt. ‘Het gaat niet alleen om het fysiek uitmoorden, maar ook het vernietigen van erfgoed, het ontnemen van namen, taal en andere identiteitsfactoren.’ Volgens Holslag is het een onmiskenbaar geval van genocide omdat het ‘staatsapparaat wordt ingezet om een specifieke groep te vervolgen om wie ze zijn’. ‘Bij het erkennen van de genocide gaat het de Armeense gemeenschap dan ook niet over een schadevergoeding, maar écht over het erkennen van hun eigen identiteit.’

Toenadering

De Turkse premier Ahmet Davutoğlu bracht, net als zijn voorganger Recep Tayyip Erdogan vorig jaar, zijn condoleances over aan het Armeense volk. ‘We begrijpen wat de Armeniërs voelen. We memoreren met diep respect de onschuldige Ottomaanse Armeniërs die hun leven hebben verloren en bieden de nabestaanden onze diepe condoleances aan,’ zegt Davutoğlu in een verklaring.

Daarmee lijkt Turkije toenadering te zoeken tot de Armeniërs, maar volgens Holslag schept de Turkse premier opzettelijk een vertekend beeld van de geschiedenis. ‘Juist het fixeren op alleen de fysieke kant van genocide, maakt het een eenzijdig verhaal, waarbij de minister in dit statement het lijden van de Armeniërs (en andere minderheden) gelijk kan trekken met het lijden van de Turken. Maar er is natuurlijk veel meer gebeurd dan alleen het fysieke vernietigen. De Armeniërs zijn vervolgd om wie ze zijn op gehele willekeur, op de meest gruwelijke wijze, omdat ze een denkbeeldige vijand waren van de Turkse staat, en omdat hun “identiteit” als een tegengesteld evenbeeld werd gezien van de “Turkse identiteit”, die destijds nog gevormd moest worden. Er was een specifieke eenheid opgezet om Armeniërs te doden. De Armeniërs werden gedwongen om deel te nemen aan dodenmarsen of werden in sommige gevallen als slaven verkocht in concentratiekampen en gedwongen om zich aan te passen aan de Turkse identiteit. Niets van dit alles is de Turken overkomen.’

Geen religieuze kwestie

Toch is het bijzonder dat de Turkse regering na vele jaren van wederzijdse haat en nijd nu toenadering wil zoeken tot de Armeniërs. Dit komt volgens Holslag omdat islamitische Turken meer openstaan voor verzoening met Armeniërs dan nationalisten.

‘De denkfout die heel veel mensen maken, is dat de Armeense genocide een religieuze genocide was; dat was het niet. Het was een genocide gebaseerd op een nationalistische ideologie. Dit is ook de reden waarom voornamelijk Kemalisten (volgelingen van president Kemal Atatürk) de genocide ontkennen en islamitische Turken meer openstaan voor het lijden van de Armeniërs.’

Duitsland erkent genocide

De Armeense genocide is niet alleen voor Armeniërs en Turken een heet hangijzer. Ook andere landen hebben na al die jaren nog altijd moeite met de zaak. Zo spreekt Nederland nog altijd officieel van de ‘kwestie van de Armeense genocide’ waarmee ons land enkel erkent dat er ‘een kwestie’ is en niet zonder meer toegeeft dat het om genocide gaat. Duitsland maakte die stap donderdagavond wel. De Duitse president Joachim Gauck sprak in een toespraak voor het eerst van de Armeense genocide.

Die uitspraak is historisch gezien relevant aangezien het Duitse Rijk een bondgenoot was van het Ottomaanse Rijk en het leger financieel en materieel steunde. Het driemanschap van de Jonge Turken, dat verantwoordelijk was voor de Armeense genocide, vluchtte in 1918 met een Duitse onderzeeboot naar Duitsland en kreeg daar onderdak.

Herdenking

Overal ter wereld wordt vrijdag stilgestaan bij het Armeense drama dat honderd jaar geleden in gang werd gezet. In de Armeense hoofdstad Jerevan wordt een grote herdenking gehouden waar de staatshoofden van onder meer Rusland, Frankrijk en Servië aanwezig zijn. Nederland heeft de ambassadeur in Georgië (Nederland heeft geen ambassade in Armenië) naar de herdenking gestuurd.

Turkije noemt de herdenking in Jerevan ‘een belediging’. Het land herdenkt op deze dag de Slag om Gallipoli tussen het Ottomaanse leger en de Britten en de Fransen. De Slag om Gallipoli, waarbij 141.000 soldaten om het leven kwamen, was één van de bloedigste veldslagen van de Eerste Wereldoorlog. Hoewel deze slag begon op 25 april houdt de Turkse regering de herdenking een dag eerder. Precies op de dag wanneer de Armeniërs ‘hun’ genocide erkennen. Het mag duidelijk zijn dat de verzoening tussen de twee volkeren  nog wel even op zich zal laten wachten.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.