buitenland

Levert Rusland na atoomdeal nu raketten aan Iran?

Door Elif Isitman - 13 april 2015

Rusland kan vanaf maandag luchtafweerrakketten van het type S-300 leveren aan Iran. De Russische president Vladimir Poetin tekende maandag een document dat per direct een einde maakt aan het exportverbod van het geavanceerde wapensysteem aan de islamitische republiek.

De opheffing van het exportverbod komt in navolging op het raamakkoord over het Iraanse kernprogramma dat twee weken geleden werd gesloten tussen Rusland, China, Frankrijk, de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Duitsland, schrijft persbureau Bloomberg.

‘Defensief’

‘De S-300 is een puur defensief systeem, dus het leveren van de raketten aan Iran zal geen bedreiging vormen voor staten in de regio, ook niet voor Israël,’ sprak de Russische minister van Buitenlandse Zaken Sergej Lavrov maandag.

De raketten kunnen onder meer worden ingezet om nucleaire installaties te beschermen. De bondgenoten tekenden het contract over de S-300 afweerraketten al in 2007, maar drie jaar later kwam Rusland onder internationale druk op die afspraak terug. Vooral de Verenigde Staten en Israël verzetten zich tegen de Russische levering van de luchtverdedigingssystemen.

Iran eiste vervolgens miljarden dollars aan schadevergoeding wegens contractbreuk. Rusland betaalde het land toen 166.8 miljoen dollar.

Andere deal

Het leveren van de raketsystemen maakt volgens de Russen deel uit van ‘essentiële politieke en diplomatieke stappen’ om de atoomdeal te realiseren, aldus de Russische viceminister Sergej Ryabkov. Daarnaast heeft Rusland nog een andere deal met Iran gesloten. Moskou koopt ruwe olie van Teheran in ruil voor Russische goederen, verklaarde de viceminister. Het zou gaan om maximaal 500.000 vaten olie per dag.

De zes grootmachten sloten begin deze maand een principeakkoord voor de atoomdeal met Iran. De deal is erop gericht om de nucleaire activiteit van het land te beëindigen in ruil voor opheffing van economische sancties tegen het land. Over de details moeten ze het nog eens worden. De landen hebben daarvoor tot juni de tijd.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.