buitenland

Ethiopische economie wordt met militaire tucht gemoderniseerd

Door Gerbert van der Aa - 19 mei 2015

Ethiopië is al jaren een van de snelst groeiende economieën van Afrika. Voor democratie is echter weinig ruimte.

De eigenaar van het koffiehuis in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba geeft alle klanten netjes een bon uit zijn elektronische kassa. In andere Afrikaanse landen gebeurt dat zelden, maar hier in Ethiopië is zo’n kassabon verplicht.

De overheid controleert zo of de horeca belasting betaalt. Wie fraudeert, gaat zonder pardon de gevangenis in. ‘Ik laat het wel uit mijn hoofd om geen kassabon te geven,’ zegt de eigenaar van het koffiehuis.

Officieel staat er op fraude met kassabonnen een gevangenisstraf van liefst twaalf jaar. Heel wat middenstanders zijn de afgelopen maanden achter de tralies verdwenen, nadat opsporingsambtenaren undercover hun bedrijf bezochten.

De harde lijn is typerend voor de manier waarop de Ethiopische regering het land probeert te ontwikkelen. Met militaire tucht wordt de economie gemoderniseerd. Overal wordt fraude en corruptie hard aangepakt. De resultaten zijn indrukwekkend, erkent iedereen. Ethiopië is al jaren een van de snelst groeiende economieën van Afrika.

Achter de tralies

Voor democratie is weinig ruimte. Naast belastingfraudeurs verdwijnen ook kritische politici achter de tralies. De parlementsverkiezingen op 24 mei stellen niet veel voor.

Maar burgers hebben weinig kritiek. De economische groei verzacht de politieke onvrede. ‘De regering probeert Ethiopië oprecht te ontwikkelen,’ zegt een ondernemer. ‘Corruptie is een minder groot probleem dan in andere Afrikaanse landen. Is ook wat waard.’

De strenge belastingregels brengen wel veel rompslomp mee, klagen horecabedrijven. Ze moeten dure elektronische kassa’s aanschaffen en hun administratie laten controleren door de Belastingdienst. Alleen in dorpen op het platteland zonder elektriciteit – waarvan er dankzij de economische groei steeds minder zijn – knijpt de overheid soms een oogje toe.

Elsevier nummer 21, 23 mei 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.