buitenland

‘Hamas gebruikte zomeroorlog om af te rekenen met vijanden’

Door Tom Reijner - 27 mei 2015

Tijdens de zomeroorlog vorig jaar tussen Israël en Hamas heeft de terreurbeweging ‘collaborateurs’ ontvoerd, gemarteld en geëxecuteerd, blijkt uit een rapport van Amnesty International.

‘Huiveringwekkend,’ noemt directeur voor het Midden-Oosten en Afrika-programma, Philip Luther, de misdaden die werden gepleegd door Hamas tegenover andere Palestijnen.

De radicaalislamitische beweging maakte misbruik van het conflict. Ten minste 23 Palestijnen werden vermoord, tientallen anderen werden opgepakt en gemarteld, is te lezen in een rapport dat de mensenrechtenorganisatie schreef naar aanleiding van het geweld, dat vijftig dagen duurde en eind augustus werd afgesloten met een staakt-het-vuren.

Angst

‘Geen enkel persoon werd ter verantwoording geroepen voor de misdaden van Hamas tegen Palestijnen tijdens het conflict van 2014, wat erop wijst dat deze misdaden in opdracht of met goedkeuring van de autoriteiten gebeurden.’ Hamas gaf volgens Luther de eigen veiligheidsdiensten alle ruimte om ‘in de chaos van het conflict huiveringwekkende misdaden’ uit te voeren, een operatie die onheilspellend ‘Nekken Omdraaien’ werd genoemd.

De acties waren bedoeld als wraak of om angst te zaaien in de Gazastrook. De slachtoffers werden beschuldigd van samenwerking (‘collaboratie’) met Israël. Maar zeker zestien van de standrechtelijk geëxecuteerden, zaten al gevangen vóór het conflict in Gaza.

Dat doet vermoeden dat de terroristen toch vooral wilden afrekenen met (politieke) vijanden, als leden en aanhangers van de rivaliserende Fatah-beweging. Die heeft de controle over de Westelijke Jordaanoever.

Messteken

Een geestelijk gehandicapte politieman van de Palestijnse Autoriteit, die in 2009 tot vijftien jaar was veroordeeld vanwege ‘collaboratie met Israël’, werd uit zijn cel gehaald. ‘Zijn armen en benen werden gebroken… Zijn lichaam was doorzeefd met dertig kogels Het lichaam vertoonde ook messteken en -sneden.’

Een van de schokkendste incidenten betreft een executie van zes mannen in augustus. Zij werden in het openbaar om het leven gebracht bij een moskee, waarbij honderden mensen toekeken.

De mannen kregen een zak over hun hoofd, werden over de grond getrokken en moesten knielen met hun gezicht naar het publiek. Ze werden een voor een in het hoofd geschoten en daarna doorzeefd met kogels uit een AK-47.

Orde

Hamas-woordvoerder Mushir al-Masri wijst alle beschuldigingen van de hand. Volgens hem zijn de gruwelen en de moorden de schuld van Israël, dat een ‘chaotische toestand’ had geschapen waarin de terreurbeweging niet langer de orde kon handhaven.

In een eerder rapport haalde Amnesty overigens ook hard uit naar Israël, vanwege de ‘hardvochtige onverschilligheid’ bij de luchtaanvallen waarbij burgers om het leven kwamen. Tijdens de oorlog in de maanden juli en augustus stierven 2.200 Palestijnen en 73 Israëliërs.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.