buitenland

Vakantieoord Sousse kent ook een duistere kant

Door Tom Reijner - 26 juni 2015

Een azuurblauwe zee, palmbomen en een prachtige oude stadskern – het is waar veel westerse toeristen voor komen in Sousse. Maar er is ook een heel ander verhaal over deze Tunesische badplaats te vertellen.

Vrijdag werd de stad, in de elfde eeuw gesticht door de Feniciërs, getroffen door een bloedige terreuraanval. Minstens 37 doden vielen er, toen een of twee terroristen (daarover verschillen de berichten nog) met een rubberbootje het strand op kwamen, en begonnen te schieten.

Nieuwe klap

Volgens een Belgische ooggetuige werden de mensen die op hun strandbedden lagen, gefusilleerd. ‘Daar zijn geen andere woorden voor,’ zei hij. Het toerisme in Tunesië, dat al flink te lijden had na de aanslag in maart op het Bardo-museum, krijgt een nieuwe klap te verwerken.

Maar wat nauwelijks bekend is, is dat het jihadisme en het moslimfundamentalisme zeker geen nieuwe verschijnselen zijn in Sousse. Want achter de zonovergoten stranden en de all-inclusive-hotels gaat een heel andere werkelijkheid schuil.

Jihadisten

Tunesië is een land dat de zogenoemde ‘Arabische Lente’ relatief goed heeft doorstaan. Er kwam een voor de regio liberale grondwet tot stand en de verschillende partijen werken goed samen.

In oktober vorig jaar werden de islamisten bij de verkiezingen verslagen door de belangrijkste seculiere partij van het land. De armoede en de hoge werkloosheid zijn daarentegen nog onverminderd hoog.

En er is een ongekend aantal jihadisten en terroristen dat vertrekt naar Syrië en Irak, om daar te vechten aan de zijde van Islamitische Staat (IS) en andere radicaalislamitische groepen. Liefst drieduizend zijn er, volgens cijfers uit 2014, afgereisd.

Kwijt

Naar schatting komt een derde daarvan uit Sousse, een stad met meer dan 170.000 inwoners. Zo’n duizend jihadisten werden de afgelopen jaren geronseld in wijken als Al Qalaa Al Kubra, blijkt uit een verhaal van de Arabische nieuwszender Al-Jazeera.

Buurten als Al Qalaa al Kubra waren het toneel van gevechten tussen islamistische jongeren en de Tunesische autoriteiten. In 2012 werd een zuidelijk gelegen politiekantoor bestormd, waarbij twee jonge salafisten om het leven kwamen. In oktober 2013 had er een zelfmoordaanslag plaats in Sousse.

Inwoners van de onrustige wijken vertelden aan Al-Jazeera dat het geregeld voorkomt dat de gemeenschap van een lokale moskee plotseling een aantal jongeren ‘kwijt’ is. Die blijken dan een paar dagen later te zijn vertrokken naar het IS-kalifaat.

De gerekruteerde jihadisten vliegen in de regel naar Turkije – dé doorgangsroute voor dit soort lui – om vanaf daar verder te trekken richting Syrië en Irak. Sommigen brengen enige tijd door in buurland Libië.

Een niet onaanzienlijk deel van dat land staat onder controle van IS-aanhangers en andere radicaalislamitische milities, dus is het er eenvoudig en vooral onbekommerd trainen voor terreuractiviteiten.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.