buitenland

Discussie over burqa illustreert de worsteling van de Esten

Door Jeroen Bult - 15 september 2015

Jeroen Bult is sinds 2006 medewerker van Elsevier in de Baltische landen en pendelt tussen Tallinn en Vilnius. Hij schrijft een boek over Estland.

Burqa’s en Estland: het verband is niet snel gelegd. De Baltische staat kent slechts een kleine moslimgemeenschap, die bovendien vrij seculier is. Het gaat om immigranten die in de Sovjet-tijd zijn aangemeerd: Azeri’s, Kaukasus-Russen en Centraal-­Aziaten.

Maar de tijden veranderen, waarschuwen conservatieve beleids- en opinie­makers. Door de komst van vluchtelingen uit het Midden-Oosten en Afrika zal het aantal moslims niet alleen groeien, de gemeenschap zal ook meer aan fundamentalistische invloeden worden blootgesteld, menen zij. Daarom, aldus bijvoorbeeld de Estse ­minister van Sociale Bescherming Margus Tsahkna, moeten excessen als de burqa in de kiem worden gesmoord.

‘Wat een onzin,’ zegt Aivar, veelzijdig ondernemer (van dierenartikelen tot een nachtclub) in Tallinn. ‘Kennelijk vinden deze politici het een belangrijker thema dan het corruptieschandaal rond de haven van Tallinn.’ Geschiedenis­student Karl-Sander valt hem bij. ‘Burqa-dragers vormen in de islam een minuscule groep. Het is nogal ironisch dat christelijke conservatieven iets proberen te verbieden dat hoort bij islamitische conservatieven.’

Geen Afrika

Zakenkrant Äripäev ontwaart een breder probleem: een krampachtige omgang met het immigratievraagstuk. De vrees voor de ondergang van de Estse natie is sterker dan het besef dat de economische realiteit nieuwe eisen stelt. Estland heeft, zo schrijft het dagblad, juist veel arbeidskrachten nodig om de vergrijzing en bevolkingskrimp tegen te gaan. Zijsprongen naar zaken als een burqa-verbod leiden enkel af van de hoofdzaak.

Toch lijkt niet iedereen gecharmeerd van deze zienswijze. In Estland zijn auto’s gespot met een sticker met daarop de tekst ‘Siin ei ole Aafrika‘ – ‘Het is hier geen Afrika!’

Elsevier nummer 38, 19 september 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.