buitenland

#Migratie zorgt voor toenemende spanning Kroatië en Servië

Door Tom Reijner - 24 september 2015

Kroatië staat niet langer toe dat auto’s uit Servië de grens oversteken. Eerder besloot de twee buurlanden al de grenzen te sluiten voor elkaars vrachtverkeer en goederen.

‘Mensen met een Servisch paspoort en auto’s die zijn geregistreerd in Servië mogen er tot nader order niet meer in,’ zegt de Kroatische politie tegen persbureau Reuters.  Maar de Kroatische minister van Binnenlandse Zaken Ranko Ostojic laat weten dat Servische burgers wel gewoon de grens over mogen. Bij degenen die werden geweigerd, was er iets niet in orde met het paspoort, aldus de bewindsman.

Kroatië wil Servië met de nieuwste maatregelen dwingen om de toestroom van migranten naar dat land in te dammen. In een week tijd heeft Servië 45.000 migranten vanuit Macedonië doorgestuurd naar de grens met Kroatië. Servië moet migranten ook naar de grens met Hongarije brengen, vindt Ostojic.

Ultimatum

De twee landen ruziën al een tijdje openlijk over de migrantenkwestie, die Europa, en vooral die regio in de greep houdt. Servië kwam dinsdag nog met een ultimatum aan de EU en lidstaat Kroatië – die overigens geen deel uitmaakt van de Schengen-zone.

De grens moet onmiddellijk worden geopend, waarschuwde de Servische premier Aleksandar Vucic. ‘Het is een schandaal van ongelofelijke proporties,’ aldus Vucic, die ook zei dat het Europese migratiebeleid ‘catastrofaal’ uitpakt voor de hele regio. Mocht er geen gehoor worden gegeven aan de Servische oproep dan zal het land laten zien ‘dat Kroatië ons land niet kan en vernederen en onze economie kan verwoesten’.

De woorden van Vucic waren dreigend van toon: ‘We zullen elk rechtsmiddel inzetten om ons land te beschermen en zullen Kroatië harder treffen dan zij ons doen’.

Bloedige oorlog

Kroatië en Servië kennen een tumultueus gemeenschappelijk verleden. In het begin van de jaren negentig waren zij nog deel van Joegoslavië, maar in 1991 besloten Slovenië en Kroatië eruit te stappen, een jaar later gevolgd door Bosnië en Macedonië.

De Servische leider Slobodan Milosevic wilde dat gebieden met veel Serviërs in Kroatië en Bosnië aan hem werden ‘gegeven’. Dat was de inzet voor een bloedige oorlog, met onder meer de verwoesting van in 1991 van Kroatische stad Vukovar door Servische milities en het Joegoslavische Volksleger. Ook de Kroaten pleegden misdaden tegen (etnische) Serviërs. Over en weer werd de beschuldiging ‘genocide’ gemunt.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.