buitenland

Pentagon stopt met trainen ‘gematigde’ rebellen

Door Shari Deira - 09 oktober 2015

Om de strijd tegen IS op de grond kracht bij te zetten, trainen de Amerikanen de ‘gematigde’ rebellen in Syrië. Daar gaan ze niet langer mee door. Ook zullen de Amerikanen ook niet langer wapens leveren aan deze groepen.

Het Amerikaanse ministerie van Defensie zal later vandaag met een verklaring komen, meldt The New York Times op basis van ingewijden.

Trainen

Voor het trainen en bewapenen van de rebellen trokken de Amerikanen 500 miljoen dollar (ruim 440 miljoen euro) uit. Het Amerikaanse leger rekruteerde strijders die geschikt zouden zijn om te trainen in Jordanië, Qatar, Saudi-Arabië of Verenigde Arabische Emiraten. Ook dat gaat niet langer door.

In plaats van het trainen van de zogenaamde gematigde rebellen, zouden de Verenigde Staten een trainingscentrum opzetten in Turkije, waar zij vooral leiders van oppositiegroepen bepaalde operationele stappen, zoals het inzetten van luchtaanvallen, leren.

Rebellen

President Barack Obama liet het Amerikaanse leger rebellen trainen, zodat zij IS op de grond konden bestrijden, hoewel vrij onduidelijk is wie die ‘gematigde’ rebellen dan precies zijn. Zeker vijfduizend rebellen zouden training krijgen van de Amerikanen.

Maar al snel bleek de operatie geen succes te zijn. Generaal Lloyd Austin zei dat de eerste 54 rebellen die de training hadden afgerond, zijn gerekruteerd door Al-Qa’ida. Het aantal getrainde rebellen dat daadwerkelijk aan het vechten is, is klein: ‘We hebben het dan over vier of vijf,’ zei Austin.

Volgens de generaal was het een zaak van de lange adem en is geduld nodig. ‘Het duurt wat langer om het voor elkaar te krijgen, maar zo moet het als we een langdurig effect willen.’

De getrainde rebellen vechten niet alleen mee met organisaties zoals IS, terreurbewegingen hebben ook al de hand weten te leggen op de Amerikaanse wapens. De afgelopen weken doken er regelmatig foto’s op van jihadisten die de Verenigde Staten bedankten voor hun nieuwe wapens.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.