buitenland

Saudi-Arabië wankelt: staat regime op instorten?

Door Judith Spiegel - 15 oktober 2015

Dalende olieprijzen, ruzie met Iran, vertrapte bedevaartgangers, groeiende kritiek over de mensenrechten en een slepende oorlog in Jemen: alles lijkt mis te gaan in Saudi-Arabië. Staat het regime er op instorten?

‘Dagprogramma op reis: ontbijt, openbare onthoofding, lunchpauze, kruisiging. Nee, bedankt.’ Het is de reactie van de Jemenitische blogger Haykal Bafana (43) op een bericht in Amerikaanse media dat Saudi-Arabië zich meer wil gaan richten op toerisme, onder druk van de lage olieprijzen.

Het is logisch dat Bafana geen fan is van Saudi-Arabië: hij woont in Sana’a, de Jemenitische hoofdstad, die in puin ligt na bijna zeven maanden van Saudische luchtbombardementen. ‘Ik begrijp niet wat de Saudi’s hier doen, maar ik weet vrij zeker dat zij dat ook niet weten,’ schrijft hij op Facebook.

Eén ding is duidelijk: Saudi-Arabië worstelt met economische, politieke en – zo denkt het zelf in elk geval – externe veiligheidsproblemen in de vorm van Iran. Wat is er toch aan de hand in dat raadselachtige land dat nauwelijks toeristen – anders dan miljoenen pelgrims – binnenlaat, maar wel miljoenen buitenlandse arbeidskrachten?

Sneeuwpoppen

Wat is er aan de hand in het land waarvan de leiders enerzijds meelopen in de ‘Je suis Charlie‘-mars in Parijs, en anderzijds bloggers als Raif Badawi bestraffen met duizend zweepslagen? Een land dat enerzijds wordt benoemd tot voorzitter van een belangrijk mensenrechtenpanel van de Verenigde Naties, en anderzijds wordt beschuldigd van oorlogsmisdrijven in Jemen.

Het land ook waar imam Mohammed Saleh al-Munajjid het maken van sneeuwpoppen verbiedt omdat het volgens hem verboden is om beeltenissen van levende wezens te maken. Maar ook het land waar de satiricus Hisham Fageeh vandaan komt, die met zijn lied No Woman No Drive, een parodie op Bob Marley’s hit, in 2013 miljoenen hits op You Tube had. Saudi-Arabië is een land met twee gezichten, een land in spagaat.

Dat is wat er gebeurt als je olie vindt in een straatarm, geïsoleerd land, waar de koninklijke familie de baas is omdat ze destijds de machtigste stam waren, en dankzij een alliantie met de ultra-orthodoxe salafist Mohammed ibn Abd al Wahab.

Oliegeld en een wahabistische staatsgodsdienst blijken moeilijk verenigbaar, en de problemen waarmee Saudi-Arabië vandaag de dag kampt, zijn daarop terug te voeren. Het Huis van Saud moet het grote conservatieve, religieuze, tribale deel van het land te vriend houden, maar het moet ook mee in de vaart der volkeren. Amerikaanse oliewerkers, radio, tv, satelliettelevisie, sociale media: ze drongen allemaal de woestijnmonarchie binnen.

En wat het land niet binnenkomt, haal je elders. Wie een bar in Bahrein bezoekt, komt daar steevast Saudi’s tegen die over de 25 kilometer lange brug tussen de twee landen zijn gereden om een avondje bier te drinken – de brug wordt ook wel de Heineken Highway genoemd – en buikdanseressen aan het werk te zien.

Moskeegrond

Even onvermijdelijk zijn de tegenkrachten. Zo ongeveer elke tien jaar wordt Riaad geconfronteerd met een gebeurtenis van formaat die de zaak op scherp stelt. Het eerste grote rampenjaar was 1979.

Twee fundamentalistische hardliners – inspiratiebronnen voor Al-Qa’ida en IS – vonden dat hun land te veel naar het Westen luisterde en bestormden de Grote Moskee in Mekka. De bezetting – die de Saudi’s angstvallig buiten de media wisten te houden – duurde twee weken en kostte honderden levens.

De daders en hun aanhangers werden ter dood veroordeeld, maar de gevolgen logen er niet om: de Saudische regering scherpte de islamitische wetgeving aan. Dat was de deal die ze met de geestelijk leiders van het land hadden moeten maken, in ruil voor een fatwa die toestond dat er met geweld werd ingegrepen op heilige moskeegrond.

Hetzelfde jaar 1979 was ook het jaar van de Russische invasie in Afghanistan en van de Iraanse Revolutie. Riaad steunde Afghanistan-gangers van harte, en zag intussen met angst en beven hoe een sjiitische ayatollah aan de overkant van de Perzische Golf beweerde dat moslims zelf moeten beslissen wie hun leiders zijn. Niet helemaal wat het Huis van Saud in gedachten had.

Tien jaar later viel Irak Kuweit binnen. De Saudi’s voelden zich eveneens bedreigd en zochten een manier om het land te beschermen tegen voormalig vriend Saddam Hussein. Osama bin Laden bood aan een leger te vormen. Dat sloegen de Saudische leiders af; liever hadden ze de Amerikanen. Nog weer tien jaar later, tijdens 9/11, werd duidelijk hoe groot de woede van Bin Laden over die beslissing was.

Die terreuraanval in 2001 was niet alleen tegen Amerika gericht, maar ook tegen het Huis van Saud, dat – zo hoopte Bin Laden – nu toch zeker door de Verenigde Staten in de steek zou worden gelaten. Dat gebeurde niet. Washington hield de banden warm; hoogstens dwong het wat beloftes af over hervormingen. De Saudi’s gingen aan de slag met aanpassingen in het onderwijs en vrouwenrechten. Er veranderde weinig.

Nog weer tien jaar later werd Riaad opnieuw opgeschrikt, door de ‘Arabische Lente’. Het leidde tot de meest agressieve buitenlandpolitiek uit de Saudische geschiedenis. Riaad snelde het soennitische koningshuis van Bahrein te hulp om het opstandige sjiitische deel van de Bahreinse bevolking neer te slaan. Nu reden er tanks over de Heineken Highway, en met succes.

Teken van zwakte

Minder succesvol is tot nu toe de hulp aan de soennitische oppositie die vecht tegen het regime van Bashar al-Assad in Syrië. Niet alleen weet Assad van geen wijken, de Saudische steun bleek ook te belanden bij groeperingen als Jabhat al-Nusra en IS, die door Riaad net zo goed als bedreiging worden beschouwd – zij het als een minder grote dan Iran. De deelname door Riaad aan de internationale coalitie tegen IS lijkt vooral symbolisch.

Levensecht daarentegen is de hulp aan de verdreven regering van Jemen in hun strijd tegen de Houthi’s, die ervan worden verdacht aan de leiband van Iran te lopen. Die oorlog verloopt slecht. De Houthi’s laten zich niet zomaar wegbombarderen en de Saudi’s hebben er de afgelopen maanden veel vijanden bijgekregen. Blogger Bafana: ‘Dit is Jemen, en elke druppel vergoten Jemenitisch bloed zal door de Saudi’s worden terugbetaald, al duurt het vijftig jaar.’

De jonge Mohammed bin Salman (ongeveer 35 jaar oud, niemand weet het precies), minister van Defensie, vicekroonprins en zoon van de Koning, heeft zijn eigen en zijn vaders lot verbonden aan de Jemenitische oorlog. Falen is geen optie.

Dat zou een teken van zwakte zijn, naar het eigen volk en naar Iran, dat na de nucleaire deal met Amerika als een nog grotere bedreiging dan voorheen wordt gezien. Dus gaan de bombardementen stug door, hoeveel Jemenitische burgerdoden er ook vallen, hoeveel eigen soldaten er ook sneuvelen en hoe weinig resultaat er ook wordt geboekt.

Dat kost bakken met geld, net als de genereuze subsidies die de Koning al sinds jaar en dag aan zijn onderdanen geeft. En hoewel het staatsfonds wel wat kan lijden, drukt de lage olieprijs steeds zwaarder op de Saudische begroting. Het land is de afgelopen jaren redelijk succesvol geweest in de diversificatie van zijn economie – het exporteert nu zelfs bloemen – maar lang niet genoeg om een serieus alternatief voor de olie-inkomsten te vormen. Het begrotingstekort zou volgens het Internationaal Monetair Fonds (IMF) dit jaar al zijn opgelopen tot 100 miljard dollar, zo’n 88 miljard euro. Onlangs sloeg het land zelfs aan het lenen.

Met de omvallende kraan in Mekka en de vertrapping van honderden, mogelijk duizenden bedevaartgangers – de Saudi’s zijn hier onduidelijk over – lijkt de ellende compleet. De calamiteiten zijn een blamage voor het Huis van Saud, dat koste wat kost zijn semi-goddelijke rol als bewaker van de twee heiligste plaatsen van de islam wil waarmaken. ‘Boycot de komende vijf jaar de haj,’ riep de islamitische journalist Asra Nomani haar geloofsgenoten al op.

Kopzorg

De koninklijke familie telt naar schatting 15.000 leden, onder wie duizenden prinsen. Een deel lijkt tabak te hebben van het beleid van koning Salman, die pas sinds januari 2015 Koning is.

Een ‘senior prins’ heeft laatst een open brief gepubliceerd waarin hij aandringt op Salmans aftreden. De schrijver zou tegen de Britse krant The ­Guardian hebben gezegd dat het volk, onder wie veel stamleiders, zou aandringen op een nieuwe koning. De prins wil om veiligheidsredenen anoniem blijven.

Overdreven is dat niet. De weinigen die het aandurven om onder eigen naam kritiek te uiten, moeten dat vaak bekopen met zweepslagen of hun leven. Een vraag via ­Facebook aan iemand in Saudi-Arabië over hoe daar wordt gedacht over de oor­log in ­Jemen, leidt tot een angstige reactie: ‘De meesten noemen het een heldendaad, maar of ze dat echt vinden weet ik niet. Ik wil er verder ook niks over zeggen, ze hebben overal ogen en oren.’

Sociale media zijn een andere kopzorg voor het regime, want niet alleen melden zich daar seculiere criticasters, dat doet ook IS, dat er net zo goed fulmineert tegen het corrupte koningshuis dat zijn ziel aan de Amerikaanse duivel verkocht. En dus wordt iedereen opgepakt die iets onwelgevalligs twittert. In binnen- en buitenland.

Onlangs werd een Kuweitse twitteraar tot gevangenisstraf veroordeeld, omdat hij negatief was over Saudi-Arabië. Dat kon, omdat de Kuweitse wet ook het beledigen van bevriende staatshoofden strafbaar stelt en de Kuweiti’s kennelijk wel wilden meewerken aan deze vervolging. Dat het Huis van Saud bevriend is met het Huis van Al Sabah – de Kuweitse royals – hoeft ook niet te verbazen. Dat ze dat ook zijn met het Huis van Oranje, misschien wat meer.

Probleem

Want de problemen waarmee Saudi-Arabië te kampen heeft, mogen verklaarbaar zijn, ze zijn nog geen rechtvaardiging voor de mensenrechtenschendingen van het regime. Wat is het dan wel, waardoor Riaad met zoveel wegkomt? Is het handel? Is het de druk van de Amerikanen?

Eerste Kamerlid van de VVD en generaal buiten dienst Frank van Kappen (74) denkt dat naast economische belangen inderdaad ook geopolitieke belangen ‘in bondgenootschappelijk verband’ een rol spelen. ‘Zelfs de Verenigde Staten zijn voorzichtig met Saudi-Arabië omdat het een belangrijke regionale speler is in het onoverzichtelijke machtsspel in het Midden-Oosten; een regio die van vitaal belang is voor zowel de Verenigde Staten als de Europese Unie.’

Misschien ook leeft de hoop dat het probleem zichzelf oplost nu Riaad met zoveel problemen tegelijk kampt. In sommige media wordt gesproken van de ‘perfect storm‘, die uiteindelijk zal leiden tot de ‘ineenstorting van Saudi-Arabië.’

Of het zover komt, is de vraag. Het grotendeels politiek-passieve, zeer conservatieve Saudische volk houdt niet van verandering. Tot nu toe is het in elk geval nog niet massaal de straat op gegaan. Hoogstens wordt een nieuwe koning naar voren geschoven. Kandidaten genoeg.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.