buitenland

‘Geen paradijs, maar de hel’: IS bang voor vrouwelijke vijanden

Door Elif Isitman - 18 december 2015

Onlangs heeft zich een nieuwe strijdkracht tegen terreurbeweging Islamitische Staat (IS) gevormd. Een bataljon van ongeveer 50 Syrische christelijke vrouwen strijdt tegen de terroristen in het noordoosten van Syrië.

Het is een klein groepje dat zich laat inspireren door de vrouwelijke tak van de YPG, de Koerdische strijdkrachten. De groep bestaat uit een vijftigtal vrouwen dat net is teruggekeerd uit een militair trainingskamp, schrijft The Guardian.

Rivieren

De naam van het bataljon, ‘de vrouwelijke legertroepen van het land tussen twee rivieren in’, verwijst naar het gebied tussen de Eufraat en de Tigris. Een aantal van de vrouwen heeft een interview afgegeven aan het Franse persbureau AFP.

Ze hebben de wapens opgepakt omdat christenen een van de voornaamste doelwitten zijn van IS, vooral in de Hasaka-provincie, waar veel christenen wonen. Syrië telt in totaal zo’n 1.2 miljoen christenen, dat is ongeveer 10 procent van de gehele bevolking. ‘Wij willen de christelijke regio’s in de Hasaka-provincie beschermen,’ zegt een van de vrouwelijke strijders.

Ook willen ze in opstand komen tegen de claim van IS dat vrouwen niets anders mogen dan kinderen baren en het huishouden doen.

De Hasaka-provincie ligt in het noordoosten van Syrië en is van strategisch belang omdat het een doorgang vormt naar IS-gebieden in Syrië en Irak. Veel christenen zijn de provincie ontvlucht toen IS zijn opmars maakte.

Paradijs

De eerste aanval voerden de vrouwen uit in samenwerking met de Syrische Democratische Strijdkrachten, een eveneens nieuwe strijdgroep van Koerdische, Arabische en christelijke mannen. Deze groep wist onlangs de strategische stad Hol te veroveren op IS.

De strijdende vrouwen zijn van ideologisch belang: volgens de redenering van de terroristen zouden zij namelijk gevaarlijker zijn dan mannelijke strijders. ‘Daesh (IS) gelooft dat strijders die worden gedood door een vrouw, en dan vooral een Koerdische vrouw, geen martelaars zijn. Zij gaan niet naar het paradijs, maar naar de hel,’ zegt een van de vrouwen.

Dit sluit aan bij eerdere uitspraken van vrouwelijke Koerdische troepen: ‘IS-leden zijn veel banger voor ons dan voor mannen, zeiden ze vorig jaar tegen The New York Post. De vrouwelijke tak van de YPG strijdt al meer dan een jaar tegen IS. De verdeling is binnen de YPG opmerkelijk gelijk: ongeveer 40 procent van de gehele Koerdische strijdkrachten bestaat uit vrouwen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.