buitenland

Hoe willen Verenigde Naties wapenstilstand in Syrië monitoren?

Door Elif Isitman - 22 december 2015

De Verenigde Naties (VN) zijn in beraad over het monitoren van een eventuele wapenstilstand in Syrië. Vrijdagavond stemde de Veiligheidsraad voor een resolutie, waarvan een staakt-het-vuren deel uitmaakt.

Tot dusver willen de VN een ‘lichte’ aanpak hanteren bij het monitoren van een wapenstilstand, schrijft persbureau Reuters.

Blauwhelmen

‘De risico’s moeten tot een minimum beperkt worden’, dus willen de VN de taak afdragen aan Syrische grondtroepen.

Die moeten schendingen van het staakt-het-vuren dan rapporteren. Mogelijk wordt er ook een klein groepje VN-personeel (in burger) naar Syrië gestuurd om schendingen te onderzoeken. De aanwezigheid van blauwhelmen is onwaarschijnlijk, omdat het conflict als zeer gevaarlijk wordt gezien.

Volgens een verklaring van de VN moet ‘de ramp’ van een missie die in 2012 naar Syrië werd gestuurd niet herhaald worden. Die missie mislukte, omdat de strijdende partijen geen interesse hadden om te stoppen met vechten.

Uitzondering

De wapenstilstand moet begin januari al in werking treden. Het is de tweede keer dat de VN met een vredesplan komt voor het Syrische conflict. De wapenstilstand geldt alleen voor sommige Syrische oppositiegroepen en het Syrische regeringsleger, en is niet op terreurbeweging Islamitische Staat (IS), Al-Nusra en andere jihadistische groeperingen van toepassing.

De permanente leden van de Veiligheidsraad moeten het nog wel eens worden over wie een ‘geloofwaardige’ Syrische bron zou kunnen zijn. Dit zou nog wel eens lastig kunnen worden, aangezien vooral Rusland en de westerse machten er andere ideeën op nahouden over wie er wel en niet gesteund moet worden in Syrië. Een andere optie is het gebruik van onbemande drones, iets dat de VN al gebruikt bij vredesmissies in Afrika.

Verschillende experts bekritiseren de aanpak van de VN als ‘onrealistisch’ en ‘naïef’: geen van de strijdende groepen zou namelijk daadwerkelijk een wapenstilstand willen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.