Carla Joosten

De talenkennis van Jeroen Dijsselbloem

Door Carla Joosten - 22 januari 2013

De Brusselse pers is onder de indruk van het Engels van Jeroen Dijsselbloem. Begrijpelijk. Het is perfect. En dat luistert erg prettig.

Dijsselbloems vader was leraar Engels. De zoon deed jarenlang vakantiewerk bij een Britse boer. Dan leer je het wel.

Taal is belangrijk in een internationale omgeving. Het Engels van veel Nederlanders is slechter dan ze zelf denken. Menig bestuursvoorzitter van een internationaal concern spreekt het maar matig.

Duits en Frans

Zo niet Dijsselbloem. En dan blijkt zijn Duits ook nog heel redelijk. Bij vertrek uit Brussel vanmiddag stond hij een Duitse radioreporter te woord. Alleen bij het woord ‘pensioenfondsen’ vroeg hij de verslaggever hem even te helpen.

Maar het grote vraagteken was zijn Frans. Hoe zou het daarmee zijn? Franse journalisten hadden Dijsselbloem vorige week in Parijs aangeschoten. Prompt antwoordde hij: ‘I don’t speak French.’

Hierover ontstond op twitter een discussie. Dat een voorzitter van een belangrijk Europees orgaan geen Frans spreekt, vonden de Fransen onbestaanbaar. Dat de Franse minister van Financiën Pierre Moscovici akkoord ging, kon gewoon niet.

‘Dat Dijsselbloem de Fransen straks in het Engels gaat vertellen dat ze hun uitgaven moeten beperken, haat ik’, twitterde een Franse correspondent. Zelf ging hij onlangs niet mee op persreis naar Ierland omdat tijdens die reis alleen Engels zou worden gesproken.

Drie werktalen

De Europese Unie kent drie werktalen: Frans, Duits en Engels. In de perszaal van de Europese Commissie kunnen dagelijks in twee talen vragen worden gesteld: Frans en Engels. En dat is al een hele vooruitgang, want tot 1995 was alleen Frans toegestaan, wat voor veel journalisten een probleem was. Het Frans is sindsdien op z’n retour.

Hoe zit het nu met Dijsselbloems Frans? Toen hij zich kandidaat stelde, sprak hij het eerste deel in het Frans uit, tot tevredenheid van zijn Franse collega Moscovici. Hij prees zijn uitspraak.

De minister zelf zei er dinsdagmiddag in Brussel op een vraag van Elsevier.nl dit over: ‘Mijn Frans is echt te beperkt. Op sociaal niveau, bij de bakker en op de camping, kom ik een heel eind, zoals veel Nederlanders. Maar onderhandelen doe ik het liefst in het Engels. Dan weet ik zeker dat ik geen brokken maak.’

Even slikken

Conclusie: met de komst van Dijsselbloem op het Europese toneel heeft Frankrijk weer een veer moeten laten. Dijsselbloems voorganger Jean-Claude Juncker uit Luxemburg beheerst behalve Letzeburgs in elk geval ook Engels, Frans en Duits.

Frankrijk moet nu een voorman accepteren die hun taal onvoldoende meester is om die professioneel te hanteren.

Dit geldt overigens al decennia voor veel andere landen van de Unie. Maar voor de Fransen is het even slikken.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.