Afshin Ellian Afshin Ellian

Iran is een armzalig land met een getiranniseerd volk

Door Afshin Ellian - 05 juni 2013

In de aanloop naar de verkiezingen ligt Iran erbij als een economisch volledig afhankelijk land. De rechtscultuur is moreel failliet en het volk wordt getiranniseerd.

Het islamitische regime van Iran verkeert in een diepe crisis. Drie belangrijke woorden uit de revolutie staan op het spel: esteghlal (onafhankelijkheid), azadi (vrijheid) en jomhouri-e islami (islamitische republiek). Daarvan is slechts één woord gerealiseerd: islam.

Iran is een onvrij land. Van de vrijheidswens is niets terechtgekomen. Dat is niet langer alleen de mening van de tegenstanders van het regime, ook de oppositionele delen van het regime spreken van onvrijheid. Deze schrikbarende ontdekking deden ze in de beruchte Ewin-gevangenis.

Noord-Korea

En hoe zit het met ‘onafhankelijkheid’? Onafhankelijkheid is een relatief begrip. Dat wisten wij tijdens de Iraanse Revolutie niet. Wij dachten dat een land volledig onafhankelijk kan zijn van de buitenwereld. Dat is niet mogelijk.

Tegelijkertijd wensten Iraniërs dat hun land op politiek niveau volledig onafhankelijk zou zijn van de buitenwereld. Deze wens is wel gerealiseerd. Iran en Noord-Korea zijn politiek gezien de meest onafhankelijke landen op aarde.

In beide landen worden alle belangrijke beslissingen door de politieke leiders genomen. Maar gelukkig zijn ze er bepaald niet.

Olie

Landen die zichzelf begrenzen door bijvoorbeeld het internationale recht, zijn vaak welvarender en vrijer dan landen waar de soevereine macht met niets en niemand in de wereld rekening houdt. Maar hoe zit het met de economische onafhankelijkheid?

Dat was de essentiële wens van de revolutie. De sjah werd verweten dat hij Iran afhankelijk had gemaakt van westerse landen. Ook vonden de revolutionairen dat de sjah de Iraanse economie afhankelijk had gemaakt van olie-export.

Door de internationale boycot tegen het Iraanse regime, zien we hoe Iran voor meest basale producten afhankelijk is van andere landen. Landbouw- en voedselproducten moeten worden geïmporteerd.

Overgenomen

Het islamitische Iran is niet in staat om het volk van voedsel te voorzien zonder import. Het buitenland, dat zijn voor Iran een paar landen: China, India en enkele andere landen.

De plaats van de Amerikanen in de Iraanse economie is overgenomen door de Chinezen. Voor militaire zaken heeft Rusland de de Amerikanen vervangen. Meer dan 80 procent van de Iraanse economie is afhankelijk van olie-export.

Nu de westerse landen niet of nauwelijks nog handel drijven met Iran, kunnen de meeste Iraanse fabrieken niet optimaal functioneren. Veel fabrieken zijn al gesloten. De Iraanse industrie is allesbehalve onafhankelijk: het is een grote montagefabriek.

Achtergesteld

Economisch gezien is Iran een achtergebleven land. Daarentegen is Zuid-Korea, bondgenoot van Amerika, een sterk en relatief onafhankelijk land dat economisch een grootmacht aan het worden is.

Vreemd genoeg zijn alle landen die beweren de Amerikanen te hebben verslagen, armzalige en achtergestelde landen: Vietnam, Noord-Korea, Iran.

Wat is er geworden van de republiek? Alle besluiten, ook die van het Iraane parlement, kunnen door de Iraanse leider worden vernietigd. De president kan, als symbool van de republiek, alleen worden gekozen als de leider van Iran dat goedkeurt.

Vier jaar geleden werd de wil van het volk ongedaan gemaakt door de Iraanse leider: Ali Khamenei had per ongeluk ingestemd met de deelname van Mir Houssein Mousavi aan de presidentverkiezingen. Aan de komende verkiezingen mogen acht personen deelnemen.

Bang

Twee kandidaten behoren tot voorzichtige, bange, hervormingsgezinde bewegingen. Zes andere kandidaten zijn die hard aanhangers van de Iraanse leider waarvan weer drie kandidaten uit de Revolutionaire Garde afkomstig zijn. Deze drie – Rezai, Jalili en Ghalibaf – lijken op president Ahmadinejad. Jalili is een interessant figuur.

Hij mist een been, dat heeft hij verloren tijdens de oorlog. En daarom kreeg hij beurs om aan Imam Sadiq Universiteit te studeren. Hij verkreeg doctorstitel en promoveerde op het buitenlandbeleid van de profeet Mohammed. En daarna doceerde hij een tijdje het vak ‘De diplomatie bij de profeet Mohammed’. Tja, dat is dr. Jalili.

Mohammed

Daarna werd hij topambtenaar op het ministerie van Buitenlandse zaken en werd hij een publiek figuur. Jalili werd door Khamenei benoemd als hoofd van het nucleaire onderhandelingsteam van Iran. Inderdaad, het Westen moet onderhandelen met iemand die deskundig is op het gebied van het buitenlandbeleid van profeet Mohammed. Nu weet u waarom de onderhandelingen zo succesvol verlopen.

Maar het intrigerendste aan deze man is zijn voorhoofd. Al jaren is in het Midden-Oosten de bidplek (of bidvlek) op het voorhoofd van fundamentalisten in de mode. Dat zien we zowel bij de Moslimbroeders als bij de sjiieten: een vlekje op het voorhoofd omdat ze zo vaak hebben gebeden en hun hoofd op de aarde hebben gelegd.

Bidvlek

Ik noem het een bidvlek, zoals moedervlek. Vlek is een ambigu woord. Jalili trad vorige week voor het eerst op als presidentskandidaat op de staatstelevisie. Daar zag ik plotseling een metamorfose: zijn bidvlek is nu bedekt door zijn haren. Hij weet heel goed dat het volk een hekel heeft aan een man met een bidvlek.

De president wordt uiteindelijk benoemd door de Iraanse leider. Iran is een streng islamitisch land geworden, maar geen republiek. Of misschien toch: de republiek van mannen met een bidvlek.

Failliet

Maar wat denkt het volk? Recentelijk moest in Isfahan een populaire ayatollah worden begraven. Duizenden riepen er leuzen tegen het regime en voor de vrijlating van de oppositieleiders Mousavi en Karoubi (video).

Ooit, op een dag, gaat ook Iran ontploffen. Maar tot die dag zullen de mannen met bidvlek het voor het zeggen hebben.

De erfenis van het islamofascisme van Khomeini: economisch een volledig afhankelijk land, moreel een failliete rechtscultuur met een getiranniseerd volk.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.