Fred Sengers

Met hulp van Taliban kunnen moslims China ontwrichten

Door Fred Sengers - 06 maart 2014

Zaterdag doodde een groep Oeigoerse extremisten in het station van Kunming 29 burgers. Met deze aanslag is een nieuwe fase van terreur in China aangebroken die voor maatschappelijke ontwrichting kan zorgen.

Zaterdagavond rond negen uur stormde een groep in zwart geklede personen het station van Kunming in. Met messen hakten zij in op de rijen voor het loket.

Kunming is een knooppunt van spoorwegen in het zuiden van China. In een paar minuten tijd werden 29 reizigers vermoord en 143 mensen raakten gewond. Chinese autoriteiten houden moslimextremisten uit Xinjiang verantwoordelijk voor de bloedige aanslag.

Xinjiang betekent ‘nieuwe grens’ in het Chinees. Die naam geeft aan dat de regio niet altijd tot China heeft behoord. Het is afwisselend onderdeel van het keizerrijk en zelfstandig geweest. Sinds eind achttiende eeuw behoort het onafgebroken tot China.

Etnische spanningen

De oorspronkelijke bewoners van dit gebied, de Oeigoeren, spreken Turks en zien er anders uit dan de meeste Chinezen. Niet zo gek als je bedenkt dat ze tot de Centraal-Aziatische volkeren behoren. De meeste Oeigoeren zijn moslim.

Er zijn al enige jaren etnische spanningen. Formeel hebben Oeigoeren – net als andere etnische groepen – recht op onderwijs in hun eigen taal, het minkaomin. Maar in de praktijk hebben werkgevers liever werknemers die in het Mandarijns zijn opgeleid, de officiële taal van China.

De Chinese overheid moedigt Han-Chinezen aan zich in Xinjiang te vestigen. De negen miljoen Oeigoeren vormen inmiddels een minderheid in hun eigen regio. Ze voelen zich gediscrimineerd ten opzichte van de Han, die de beste banen krijgen en belastingvoordelen en subsidies genieten om bedrijven te starten. Dat leidt met enige regelmaat tot etnisch geweld.

Baarden

Ook zijn er religieuze spanningen. De Chinese overheid tolereert het geloof, maar zet gelovigen onder druk. Ook dat leidt bij de moslimminderheid tot het gevoel dat ze worden gediscrimineerd.

Van tijd tot tijd zijn er woede-uitbarstingen als de overheid op huisbezoek gaat bij gelovige gezinnen, om hen te dwingen hoofddoeken af te leggen of baarden af te scheren.

China stelt zich op het standpunt dat het economische vooruitgang naar Xinjiang heeft gebracht. Het begrijpt niet dat de Oeigoeren ontevreden zijn. Toch meent een deel van de Oeigoeren dat Xinjiang beter af is als zelfstandige staat. Zij willen de republiek Oost-Turkestan uitroepen.

Dood en verderf

Een kleine groep religieus gemotiveerde separatisten heeft zijn toevlucht genomen tot geweld. Het afgelopen jaar zijn er verschillende aanslagen geweest, volgens een vast patroon: groepen mannen die met messen dood en verderf zaaien. Dit geweld gebeurde binnen Xinjiang zelf en was gericht tegen vertegenwoordigers van de staat China.

Er lijkt nu een tweede fase aangebroken. Op 28 oktober, een paar dagen voor een vergadering van het Centraal Comité van het Nationaal Volkscongres, werd in Beijing een aanslag gepleegd. Een auto ploegde door het publiek op het Tiananmenplein.

Nu is er de aanslag in Kunming, een paar dagen voor een vergadering van het Nationaal Volkscongres. En net zoals in Beijing zijn gewone burgers het doelwit. Hier is geen sprake meer van woedende burgers, maar terreur.

Taliban

Dit baart China’s leiders grote zorgen. Geweld binnen Xinjiang is lastig, maar een beheersbaar probleem.

De middelen van de moslimextremisten zijn vooralsnog beperkt: messen, molotovcocktails of een auto om op het publiek in te rijden.

Maar de Chinese overheid ziet het gevaar uit zwakke staten aan de grenzen: Pakistan en Afghanistan.

Met name Afghanistan is een broeinest van extremisme en een bron van wapens en kennis van terroristische strategieën. Als Oeigoerse extremisten weten aan te haken bij de Taliban, heeft China een serieus probleem in zijn steden.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.