Afshin Ellian Afshin Ellian

Paniek in Saudi-Arabië legde basis voor terreurbewegingen zoals ISIS

Door Afshin Ellian - 16 juni 2014

Het Saudische bewind was na de Iraanse revolutie in 1979 totaal in paniek. Het regime past de sharia toe, maar toch wordt het land vanwege de decadente aard van de heersers en hun vriendschap met Amerika als afvallig aangeduid.

Het Midden-Oosten zit vol paradoxen. Dat is een bron van verwarring. Die verwarring zal alleen maar toenemen als we nauwkeurig de gebeurtenissen in hun historische achtergrond bestuderen.

Er is één specifiek moment in de recente geschiedenis dat als het vertrekpunt mag worden beschouwd: de Iraanse revolutie van 1979.

De machtsverhoudingen in het Midden-Oosten veranderden definitief door de Iraanse revolutie. Het Midden-Oosten is een regio waar mensen nog steeds worstelen met hun identiteit. Zijn de Egyptenaren in de eerste plaats islamitisch of Arabisch? Zijn de Iraniërs in de eerste plaats islamitisch of Iraans?

Daarnaast zijn er ook nog grote vragen over de landsgrenzen: Koerden willen hun eigen thuisland. Er bestaan ook ernstige twijfels over de status van Golfstaten. De islam was en is de belangrijkste bron van identificatie voor velen. Wat is de islam?

Satan

Imam Khomeini, de leider van de Iraanse revolutie noemde de islam van Saudi-Arabië de Amerikaanse islam en niet de zuivere Mohammedaanse islam. Het Saudische regime was en is in de ogen van ayatollahs een afvallig regime.

Daarbij wees Khomeini ook de vijanden van de moslims aan: Amerika (de grote satan), Israël (de kleine satan) en afvallige collaborerende moslims. Khomeini noemde de Iraanse revolutie het begin van de islamitische bewustwording. De Iraanse overheid kreeg de taak om de islamitische bewustwording uit te dragen en te verspreiden.

Paniek

Het Saudische bewind was na de Iraanse revolutie totaal in paniek. Het regime past de sharia toe en toch wordt het land vanwege de decadente aard van de heersers en hun vriendschap met Amerika als afvallig aangeduid.

Daarom startte Saudi-Arabië een ideologisch offensief tegen de revolutionaire islam van Khomeini. De Sovjetinvasie in Afghanistan was de uitgelezen kans voor Riyad om een concurrent te scheppen voor de revolutionaire islam: de zuivere islam van het wahabisme in de strijd tegen de ongelovige communisten en andere linkse groepen.

Prins Turki

Het Saudische bewind richtte daarvoor een complete inlichtingendienst op onder leiding van prins Turki bin Faisal al-Saud. Hij ging samenwerken met de Pakistaanse regering en de CIA. Bovendien was Saudi-Arabië een van medeoprichters van een aantal groepen van de Afghaanse Mujahideen.

De strijd werd gekwalificeerd als jihad tegen de ongelovige bezetters. Met goedkeuring van Zia ul Haq, de president van Pakistan (1924-1988) richtte Turki’s dienst Madrassa’s op om de Afghaanse strijders te voorzien van religieus onderwijs. Zo werden de jihadscholen geboren.

Bedenkelijke figuren

Prins Turki bracht Abdullah Azzam (1941-1989), een fundamentalistische Palestijn, naar Peshawar. Azzam werd de organisator van de jihad in Afghanistan. Er kwam nog een aantal  bedenkelijke figuren aan: met goedkeuring van Turki sloot miljardairzoon Osama bin Laden zich aan bij de jihadisten.

Daarna arriveerden er nog meer jihadstrijders uit Arabische landen. Zo werd een Arabische jihad-divisie gevormd die later Al-Qa’ida zou gaan heten.

Zij waren revolutionair, maar ze richtten zich niet tegen het Saudische bewind. En dat was precies de bedoeling. Azzam wist veel geld en strijders bij elkaar te brengen voor de jihad.

Trainingskamp

In 1986 opende Bin Laden zijn eerste trainingskamp, ‘al-Ansar’. De rest van het verhaal kent u. De CIA merkte veel later – zo blijkt uit de openbaar gemaakte documenten – dat de Arabische divisies in hun antiwesterse houding nauwelijks waren te onderscheiden van het Iraanse regime. Washington deed niets met die rapporten, het ging immers om de Sovjet-Unie en niet om de islamitische vijanden daarvan. Na de Koude Oorlog bestonden er geen vijanden meer.

Er is geen twijfel dat Saudi-Arabië de medeoprichter is van de radicale islamitische bewegingen in Afghanistan en Pakistan.

Koeweit

Toen Saddam in 1990 Kuweit binnenviel, eiste Bin Laden een ontmoeting met de Saudische koning. Uiteindelijk mocht hij een belangrijke prins ontmoeten. In het gesprek stelde hij voor om met zijn jihadleger uit Afghanistan de afvallige Iraakse Baath-partij uit Koeweit te verdrijven.

De autoriteiten maakten hem belachelijk. Osama ging boos weg. Deze ontmoeting leverde hem het bewijs voor de juistheid van de stelling van Khomeini dat de Saudische islam, de Amerikaanse islam is.

Het soennitische antwoord op de sjiitische uitdaging was geboren: de algehele jihad tegen Amerika, Israël en afvallige regimes. Daarmee was de cirkel rond: naast de sjiitische en ook de soennitische jihadistische islam.

Geschrokken

Het Saudische bewind is in de jaren negentig van de vorige eeuw diep geschrokken van de verklaringen van Al-Qa’ida waarin het hele Saudische bewind als een afvallig regime werd aangeduid.

Om het islamitische terrorisme en de jihad buiten Saudi-Arabië en de Golfstaten te houden, gaf Riyad steun aan de Taliban en sommige Moslimbroeders. Het zijn wel de vrienden van Al-Qa’ida. Dat is de lijn die het Saudische bewind ook later in Syrië zou volgen: alle moslimbroeders, maar ook andere radicale groepen worden door Saudi-Arabië gesteund om de vriend van het islamitische Iran ten val te brengen.

Plotseling keerde het Westen zich af van de Syrische opstandelingen. Saudi-Arabië kwam alleen te staan. Het Saudische beleid werd gewijzigd: ISIS en aantal groepen kwamen op de Saudische terreurlijst te staan.

Vage logica

Is er enige logica te bespeuren in het beleid van Riyad? Er bestaat wel een vage logica: Saudi-Arabië ziet het Iraanse regime nog steeds als de grootste dreiging voor het voortbestaan van het Saudische koningshuis.

Daarnaast wil Riyad dat de islamitische terreurgroepen elders terreur zaaien en niet bij hen: in Irak, Syrië, de Palestijnse gebieden, Egypte. Maar deze groepen kunnen niet duurzaam worden omgekocht door het huis van Saud. Dat is ook de paradox: de Saudische schepselen zijn ook levensgevaarlijk voor Saudi-Arabië zelf.

Beschermd

Saudi-Arabië en de Golfstaten worden beschermd door westerse troepen. Dat is eigenlijk niet langer in het belang van het Westen: zie de Syriëgangers en de andere jihadisten.

De wereldvrede en de veiligheid van Europa zullen vooral worden gediend als er in het Westen geen vraag meer is naar fossiele brandstof.

Ooit zal het Saudische bewind wellicht door de eigen ideologie worden veroverd, namelijk door het soennitische islamisme als product van het wahabisme.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.