Fred Sengers

Amerika en China kunnen zich geen machtsstrijd permitteren

Door Fred Sengers - 10 juli 2014

Langzaam groeit in Amerika en China het besef dat beide landen niet meer zonder elkaar kunnen. De twee supermachten koesteren zowel bewondering als wantrouwen voor elkaar – wat hun relatie precair maakt.

Het was deze week weer een komen en gaan van regeringsleiders in Peking. Na de Britse premier David Cameron was het de beurt aan de Duitse bondskanselier Angela Merkel. Het is al haar vijfde officiële bezoek aan China.

Wat een verschil met de Nederlandse regeringsleider, die in de afgelopen tien jaar welgeteld een keer een handelsmissie naar Peking heeft geleid.

Verreweg de interessantste ontmoeting was de Chinees-Amerikaanse conferentie over economische betrekkingen en regionale veiligheid. Toen Barack Obama aan de macht kwam, verschoof de Amerikaanse focus van de Atlantische naar de Pacifische Oceaan.

‘Ramp voor de wereld’

Vijf jaar geleden spraken China en de Verenigde Staten af elk jaar in juli zo’n conferentie te houden om op structurele basis over meningsverschillen tussen beide landen te spreken. In zijn openingsspeech legde president Xi Jinping dan ook de nadruk op die wederzijdse afhankelijkheid. Xi noemde de mogelijkheid van een confrontatie tussen beide landen een ‘ramp voor de wereld‘.

China en de Verenigde Staten moeten zich niet laten afleiden door incidenten en volop inzetten op samenwerking en overleg. ‘Onze twee landen moeten in gedachten houden dat onze gezamenlijke belangen groter zijn dan onze meningsverschillen,’ zei Xi woensdag.

Wensenlijst

Die vriendelijke woorden konden niet verhullen dat er spanningen zijn. Op economisch gebied hebben beide landen een lange wensenlijst, waarbij opvalt dat de Amerikanen blijven hameren op de koers van de Chinese munt. Van Amerikaanse zijde wordt verondersteld dat de Chinese centrale bank de yuan-koers laag houdt om de export te ondersteunen.

Lang was dat ook zo. Het is de Amerikaanse onderhandelaars blijkbaar ontgaan dat de yuan in de afgelopen jaren 34 procent in waarde is gestegen ten opzichte van de dollar. De inschatting van grote banken is dat de yuan zijn werkelijke waarde inmiddels heeft bereikt.

Bovendien kondigde Zhou Xiaochuan, de gouverneur van de centrale bank van China, vorig jaar al aan dat de yuan vanaf 2015 vrij converteerbaar zal zijn.

Spionage

De moeilijkste gespreksonderwerpen liggen op het gebied van internationale veiligheid. Wederzijdse beschuldigingen over cyberspionage vergiftigen al maandenlang de diplomatieke verhoudingen. China is woedend dat de Verenigde Staten vijf Chinese militairen willen vervolgen wegens spionage.

Een werkgroep van Amerikaanse en Chinese ambtenaren om over cyberspionage te spreken, is alweer opgeheven voordat een vergadering kon worden uitgeschreven.

Beide landen delen de wens dat Noord-Korea zijn nucleaire programma stillegt, maar Washington vindt dat China een meer assertieve houding moet innemen ten opzichte van Pyongyang.

Olie op het vuur

Het gevoeligste twistpunt zijn de territoriale disputen die China heeft met zijn regionale buren. De Verenigde Staten vinden dat Peking de regionale veiligheid in gevaar brengt door continu olie op het vuur te gooien in twisten om de zeggenschap van de Oost- en Zuid-Chinese Zee.

Peking vindt dat de Verenigde Staten zich niet moeten bemoeien met China’s regionale disputen. China vindt dat de Amerikanen de landen opjut en hen van militaire steun voorziet. Minister van Buitenlandse Zaken John Kerry herhaalde dat zijn land geen kant heeft gekozen en dat China het idee moet loslaten dat Amerika de Chinese opkomst willen frustreren.

Verknoopt

China en de Verenigde Staten onderhouden een haat-liefdeverhouding. Er is sprake van wederzijdse bewondering, maar ook van wantrouwen. Heel langzaam groeit het besef dat de twee grootste economieën ter wereld zo verknoopt zijn dat ze niet meer zonder elkaar kunnen.

Het is even wennen voor de Amerikanen, maar ook voor de Chinezen zelf. De nieuwe realiteit is dat China een supermacht is geworden en zich steeds vaker als zodanig zal gedragen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.