Rechtse bezuinigers zijn barbaren, linkse bezuinigers gaan vrijuit

01 juli 2014

Wie rechts is en de subsidieverslaving van de cultuursector wil stoppen, wordt direct een ‘vijand van de beschaving’. Hoe subjectief zulke kwalificaties zijn, blijkt wel uit het feit dat linkse bezuinigers zelden persoonlijk worden afgerekend.

Een heuse ‘Mars van de Beschaving’ deed een paar jaar geleden ons land aan. Enkele omhooggevallen werknemers uit de cultuursector en andere belangstellenden protesteerden tegen Halbe Zijlstra, de toenmalige VVD-staatssecretaris van Cultuur.

Hij wilde het cultuurbudget van 900 miljoen euro met 20 procent korten en opende de discussie over subsidieverslaving van culturele instellingen. Nederland was te klein. De bezuinigingen zouden leiden tot een kaalslag en zouden een legitimatie vormen om negatief te denken over cultuur.

Hardrockband

De VVD-cultuurbarbaren zouden de symbolische dimensie van cultuur vakkundig willen ontmantelen.

Deze luidruchtige tegenstanders hadden een goed georganiseerde cultuurlobby tot hun beschikking, evenals een welwillende mediamachine die een legioen van opzienbarende sympathisanten bereid vindt om elke sanering af te schilderen als een gebrek aan beschaving, zonder overtuigende argumenten te gebruiken.

Toch was pr-technisch van alles mis met de operatie-Zijlstra. De man zelf was fan van een hardrockband, las Dan Brown en was in zijn jeugd secretaris van een postduivenvereniging. Op zijn werkkamer hing een schilderij waarvan hij de kunstenaar niet kon noemen maar wiens werk hij mooi vond.

Verspilling

Kunst is gevoel, wilde hij maar zeggen maar hij werd uitgelachen door mensen die zelf hun klassiekers niet kenden. Ook de Russische schrijver Tolstoj vond dat kunst drager van gevoelens kan zijn, maar ook dat de tijd en de arbeid die aan de kunsten werden gespendeerd, een economische verspilling waren. Dat laatste durfde zelfs Zijlstra niet te denken.

Al met al had Zijlstra niet het profiel van een bestuurder die de indruk wekte te weten waar het heen moet met het cultuurbeleid. Je hoeft daarvoor niet per se te beschikken over uitmuntende kennis van klassieke muziek en literatuur, laat staan dat je een muziekinstrument bespeelt of weleens schildert.

Maar enige bagage was geen overbodige luxe geweest, al was het maar omdat het zijn tegenstanders moeilijker had gemaakt hem af te schilderen als de ‘onkundige Halve’, zoals hij vaak werd neergezet.

Heilige huisjes

Ik verbaas me telkens over de onaangename manieren waarop progressieve mensen anderen bejegenen die hun toegeëigende heilige huisjes omver willen schoppen. Ik wil hier niet suggereren dat cultuur linkse hobby behelst, dat idioot zijn.

Maar in sectoren waar paternalisme en moralisme centraal staan, is de kans vele malen groter om belangen aan te treffen die zich beter door een linksige partij laten vertegenwoordigen dan door, zeg, de VVD.

Hetzelfde geldt voor de industrie van de ontwikkelingssamenwerking. Daar wordt de loftrompet gestoken over de mensheid, maar worden kritische kiezers die niets voelen voor de instandhouding van het rijk der zielige zielen gedemoniseerd.

Subsidiekraan

Zijlstra’s luidruchtige tegenstanders hadden het in de beeldvorming ook makkelijk omdat de bezuinigingen werden geïntroduceerd door een van de meest rechtse kabinetten ooit. Hoe zou de discussie zijn geweest als zulke saneringen van links afkomstig waren?

Dan zou alles beschaafd en beheerst gaan. Toen in 1991 PvdA-minister van Onderwijs en Cultuur Hedy d’Ancona de subsidiekraan van enkele culturele instellingen dichtdraaide en een discussie ontketende over de subsidieverslaving van andere, kwam er een storm van kritiek op de beslissing zelf. Maar de persoon D’Ancona werd niet aangevallen, laat staan weggezet als cultuurbarbaar of vijand van de beschaving.

Laatste linkse president

Hetzelfde speelt nu in Frankrijk, waar de linkse regering van François Hollande voor het eerst in de geschiedenis van de Vijfde Republiek zal bezuinigen op de cultuursector.

Waar de laatste linkse president, François Mitterrand, gedwongen door de economische realiteit van de jaren tachtig ‘het tijdperk der soberheid’ inluidde – om vervolgens vier sectoren, waaronder cultuur, uit te zonderen van bezuinigingen – ontziet Hollande niemand.

Frankrijk is niet meer de ‘culturele woestijn’ die het vroeger was. Tegenwoordig beschikt vrijwel elke middelgrote stad over een behoorlijk cultureel netwerk en is de behoefte aan nieuwe ‘culturele irrigatieprojecten’ minimaal.

Overmacht

Ook is het karakter van de sector radicaal veranderd; het draait nu om gigantische culturele industrieën waarin de overheid niet langer de enige speler is.

Met publicitaire overmacht kwam het Franse dagblad Le Monde afgelopen weekend met vijf grote artikelen over deze unieke kentering. Centraal stond de vraag: ‘Heeft links het historische bondgenootschap met kunst en cultuur verraden?’

Maar persoonlijke aanvallen op de Franse minister van Cultuur of op president Hollande, nee. Hoe anders zou de toon zijn geweest als het Nicolas Sarkozy was die zoiets zou had voorgesteld?

Alliantie

Le Monde had ook de minister van Cultuur onder Mitterrand, Jack Lang, gevraagd zijn visie te geven over het huidige cultuurbeleid. Lang kritiseerde de bezuinigingen (3,2 procent) en bejubelde de ‘natuurlijke en legitieme alliantie’ tussen links en cultuur. ‘De socialistische partij was een ideeënlaboratorium, een bijenkorf waar artiesten en intellectuelen hun ideeën met de wereld confronteerden.’

Wie dit leest, zou bijna vergeten dat links ook een natuurlijke alliantie had met minder rooskleurige thema’s. Het communisme en nationaal-socialisme, let op het woord ‘socialisme’, komen van links.

In Le Livre noir du communisme claimt auteur Stéphane Courtois dat alleen al het communisme 94 miljoen slachtoffers op zijn geweten heeft.

Je moet het maar durven om met zo’n verleden nog beschaving en geestelijke rijkdom te claimen. Ja, de brutalen hebben de halve wereld maar de progressieve arrogantie is om blind van te worden.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.