Afshin Ellian Afshin Ellian

Geen democratie kan zonder krachtige inlichtingendiensten

Door Afshin Ellian - 06 augustus 2014

Barack Obama’s uitspraken over de praktijken van de CIA zijn opvallend, maar wel begrijpelijk. Gezien de vele wereldwijde uitdagingen zal het belang van inlichtingendiensten alleen maar toenemen.

Inlichtingenwerk is even oud als de politiek. Zelfs de profeet Mohammed gebruikte spionnen, net als de Romeinen en de Grieken.

Wie principieel tegen elke vorm van inlichtingenwerk is, plaatst zich buiten de reële politieke geschiedenis. Maar democratisch inlichtingenwerk is, in tegenstelling tot de despotische vorm ervan, niet gericht op het behoud van een politieke fractie, partij, ideologie of persoon.

Derde Wereld

Een decennium na 9/11 moet het Westen nog steeds strijden tegen gewelddadige vijanden. De Verenigde Staten trokken na 9/11 in Afghanistan ten strijde tegen de Taliban en Al-Qa’ida. De Amerikaanse inlichtingendiensten, vooral de CIA, veranderden ingrijpend door 9/11.

De CIA was niet langer een inlichtingendienst in de traditionele zin. Tot 9/11 had de organisatie twee hoofddoelen: het verzamelen van inlichtingen in combinatie met het verstoren van vijandelijke inlichtingenactiviteiten, en het beïnvloeden van politiek in een aantal landen in de Derde Wereld.

Inmenging

Daarbij moeten we denken aan politieke inmenging in landen die voor de Sovjet-Unie moesten worden behoed, zoals Iran, Pakistan, Arabische landen en Chili.

In Afghanistan deed de CIA mee aan de oorlog. In de jaren tachtig van de vorige eeuw trainden ze de Afghaanse strijders die het opnemen tegen het Rode Leger. Voor de eerste keer gebruikte de CIA revolutionaire methoden tegen het Rode Leger bij het opzetten van een partizanenoorlog.

Afghanistan werd het Vietnam van de Sovjet-Unie. Na 9/11 kwamen er twee taken bij: de paramilitaire en pre-juridische onderzoekstaak. Beide bezigheden behoren traditioneel niet tot de werkzaamheden van een inlichtingendienst.

Onrechtmatig

Het pre-juridische onderzoek bestond uit intensieve ondervragingen met twee doelen: het inwinnen van inlichtingen en het voorbereidende traject voor de berechting van verdachten. Deze twee taken passen niet binnen de inlichtingenactiviteiten.

De informatie die met CIA-ondervragingsmethoden wordt ingewonnen, zou in een strafgeding als onrechtmatig verkregen bewijs kunnen worden gekwalificeerd. Daarom konden de meest verdachten niet worden voorgeleid.

In de regel zou een pure CIA-ondervraging nooit mogen worden voorgelegd aan een rechter. Zo ging het tijdens de Koude Oorlog. Mocht de wens bestaan om de persoon te vervolgen, dan werd de verdachte vroegtijdig aan de FBI overgedragen.

IRA

Ook paramilitaire activiteiten zijn niet onproblematisch. Het begon in Noord-Ierland in de strijd tegen de IRA-terroristen, waarbij de Britse inlichtingendiensten vaak werden gedwongen om paramilitaire activiteiten te verrichten.

Een paar decennia eerder, tijdens de Tweede Wereldoorlog, was dat noodzakelijk in de strijd tegen door de nazi’s in bezette gebieden. Maar na de oorlog werd teruggekeerd naar de traditionele basis van het inlichtingenwerk.

Uit verschillende studies blijkt dat Groot-Brittannië de nadelige effecten van paramilitaire activiteiten van inlichtingendiensten ook in de strijd tegen IRA had ingezien. Daarom doen ze dat niet meer.

Infiltratie

De stand van zaken is nu als volgt. Amerika wil terug naar de basisdoelen waarvoor de CIA was opgericht: het inwinnen van inlichtingen in combinatie met het verstoren van vijandelijke activiteiten en de infiltratie in vijandelijke regimes.

In beginsel moet de CIA buiten de paramilitaire activiteiten en pre-juridische ondervragingen worden gehouden. Dat blijkt uit verschillende toespraken van president Barack Obama over de toekomstige strategieën van inlichtingendiensten.

Er bestaat consensus over een dubbele stelling: de strijd tegen het terrorisme moet geen grondige en systematische aantasting van de rechtsstatelijke waarden impliceren, en de eerbiediging van die rechtsstatelijke waarden moet geen fundamentele belemmering vormen voor de strijd tegen het terrorisme.

Osama bin Laden

In de praktijk komt het erop neer dat telkens een afweging moet worden gemaakt tussen de ernst van gebeurtenissen en de mate waarin de grondrechten mogen worden ingeperkt. Deze theorie werd door Michael Ignatieff de minst kwade genoemd.

Voortaan zou de CIA, gelet op de uitspraken van de Amerikaanse autoriteiten, op gepaste afstand betrokken zijn bij paramilitaire activiteiten. Het elimineren van Osama bin Laden, een paramilitaire missie, wordt als een voorbeeld gezien van hoe de CIA bij de voorbereidingen van een actie betrokken mag zijn, maar niet bij de uitvoering daarvan.

Democratie

Ik denk niet dat deze keuze zal leiden tot een verzwakking van de CIA. Daarentegen zullen er minder ongelukken gebeuren, vooral bij de CIA zelf. Een democratische rechtsorde benadert de veiligheidsvraagstukken op brede wijze.

Het inlichtingenwerk is een onderdeel daarvan. En inlichtingenwerk moet worden ingebed in de traditionele onderscheidingen tussen enerzijds opsporingsactiviteiten en inlichtingenactiviteiten en anderzijds het onderscheid tussen paramilitaire activiteiten en inlichtingenactiviteiten. Bij dit onderscheid gaat het uiteindelijk om het behoud van een democratisch regime.

De manier waarop de zwaardmacht in een democratie wordt aangewend, onderscheidt de democratie van tirannie.

Marteling

In China of Iran zijn de organen waarmee de staat het geweldmonopolie aanwendt, met elkaar vervlecht. Daarin ontstaat de kafkaëske wereld.

In dat kader is het niet onbegrijpelijk dat president Obama aan de vooravond van een rapport over de CIA aan het Amerikaanse parlement, de toepassing van marteling aanvaardt en verwerpt. Obama benadrukte dat het om een beperkt aantal personen gaat.

Wat Obama als marteling kwalificeert, heeft dus slechts betrekking op enkele gevallen en niet duizenden gevallen.

De CIA staat aan de vooravond van grote mondiale uitdagingen: de toename van het islamitisch terrorisme, de omvangrijke machtssfeer van het Iraanse regime, het instabiele Rusland, conflicten met China en de cyberwar.

In de komende decennia zal het inlichtingenwerk alleen maar toenemen.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.