Ruben Brekelmans

Gaat Sudan in 2015 eindelijk zijn potentie benutten?

Door Ruben Brekelmans - 27 december 2014

Sudan beleeft een onstuimige periode. Deze week zette Noord-Sudan nog twee VN-medewerkers het land uit. Armoede blijft wijdverspreid. Mijn Sudanese medestudenten aan Harvard werken aan een visie voor een betere toekomst.

Het zijn roerige tijden in Sudan. In Darfur vinden nog dagelijks mensenrechtenschendingen plaats. Vredesonderhandelingen in Noord-Sudan zijn stopgezet. Het land zette deze week twee VN-diplomaten het land uit.

Ondertussen dreigt in Zuid-Sudan een hongersnood. Het vredesakkoord tussen de 64 stammen is fragiel. De afgelopen twee maanden hield de vrede stand, maar het risico van een nieuwe burgeroorlog is reëel.

Onafhankelijkheid

Velen zagen de onafhankelijkheid van Zuid-Sudan in 2011 als een oplossing voor alle problemen. Het bleek ijdele hoop. De onafhankelijkheid was van grote symbolische waarde, maar de problemen liggen dieper. Beide kanten beschuldigen elkaar rebellen te steunen en onrust aan te wakkeren.

Vier Sudanese medestudenten aan Harvard (twee uit Noord-Sudan en twee uit Zuid-Sudan) gebruiken deze wintervakantie om een gezamenlijke toekomstvisie voor Sudan op te stellen. Hiermee moedigen ze hun politiek leiders aan tot betere samenwerking.

Acceptatie

Veel Sudanezen in het noorden betreuren de onafhankelijkheid van het zuiden nog steeds. Voorheen strekte Sudan van Egypte tot diep in Oost-Afrika. Acht keer zo groot als Duitsland, zestig keer zo groot als Nederland. De droom van zo’n groot en sterk land is voorbij.

Mijn medestudent Sami werkte vijf jaar als vredesonderhandelaar in Noord-Sudan. Hij ervaarde dagelijks racisme ten opzichte van het zuiden. Veel Noord-Sudanezen staan hun kinderen niet toe met een Zuid-Sudanees te trouwen. Sommigen noemen hen zelfs slaven.

Mijn medestudenten zijn het er allen over eens dat leiders in het noorden de onafhankelijkheid moeten accepteren. Zuid-Sudan is nu een volwaardige zuiderbuur. Voor racisme is geen plaats.

Vluchtelingen

In Zuid-Sudan bestaan nog diepe wonden na twintig jaar burgeroorlog, die meer dan 2 miljoen mensen het leven kostte. Veel jongeren groeiden op in onderdrukking, discriminatie en permanente strijd.

Een van deze jongeren is mijn medestudent Deng. Als tienjarige jongen vluchtte hij naar Ethiopië. Een tocht van meer dan 1.500 kilometer, waarin hij onderweg werd beschoten. Het grootste deel van zijn leven bracht Deng door in vluchtelingenkampen. Hij leerde schrijven met zijn vinger in het zand.

Nu zit Deng aan Harvard en wil hij jongeren een betere toekomst geven. Hij begrijpt de wraakgevoelens ten opzichte van het noorden als geen ander, maar heeft een confronterende boodschap: ondanks de onafhankelijkheid moeten zijn landgenoten accepteren dat ze niet zonder het noorden kunnen. Samenwerking is het enige pad naar welvaart.

Wegen

Zowel Noord- als Zuid-Sudan hebben dringend behoefte aan praktische oplossingen. Er zijn structurele voedseltekorten. Deng verzamelt geld in de Verenigde Staten en gaat enkele keren per jaar naar Zuid-Sudan om voedsel naar afgelegen dorpen te brengen. Donaties via de centrale overheid komen nauwelijks aan.

In beide landen vechten politiek leiders onderling, vaak gebaseerd op stammenkwesties. Mijn medestudenten sporen hun leiders aan stammenkwesties te overstijgen en te doen wat goed is voor het land.

Wegen bouwen bijvoorbeeld. Grote delen van beide landen zijn nauwelijks bereikbaar. Boeren kunnen alleen voedsel verbouwen voor het eigen dorp. Als de oogst tegenvalt, komen ze om van de honger.

Slapende reus

Noord- en Zuid-Sudan zijn een slapende reus. Samen hebben ze een enorme voorraad olie en andere hulpbronnen, maar ook een rijke cultuur. Het is de schakel tussen het Midden-Oosten en Afrika.

Sudan heeft ook een grote diaspora die een belangrijke rol kan spelen. Op Harvard en MIT zitten bijvoorbeeld 27 Sudanezen. Dat is veel meer dan andere Afrikaanse landen met een vergelijkbaar inwoneraantal, zoals Zuid-Afrika, Tanzania en Kenia.

Sami werkte tijdens de vredesonderhandelingen veel met Nederlandse diplomaten en hulpverleners. Sudanezen zijn dankbaar voor de langdurige Nederlandse betrokkenheid. Ze leerden veel van het Nederlandse poldermodel, waarin alle geledingen van de samenleving aan tafel zitten.

Maar volgens mijn medestudenten moet een toekomstvisie echt van de Sudanezen zelf komen. Een visie waarin beide landen accepteren dat ze gescheiden zijn, maar nog steeds wederzijds afhankelijkheid. Met een focus op praktische oplossingen.

Hopelijk biedt het initiatief van mijn medestudenten een stap in de goede richting. En gaat Sudan in 2015 eindelijk zijn potentie benutten.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.