Arend Jan Boekestijn

Europese leiders moeten kiezen in strijd tegen cultuur des doods

Door Arend Jan Boekestijn - 24 januari 2015

De aanslagen in Parijs op 7 januari zijn het Europese equivalent van 9/11. In beide gevallen werd de Europese beschaving aangevallen. Wat gaat Europa nu doen?

De Amerikanen lieten er na 9/11geen gras over groeien. Met steun van de Noordelijke Alliantie verjoegen zij de Taliban uit Kabul en omstreken, die immers Al-Qa’ida gastvrijheid hadden verschaft.

In 2003 werd ook Saddam Hussein de oorlog verklaard en volgde na een grote chaos een regimewisseling, die weinig stabiliteit heeft gebracht.

Beroemde zin

De Europeanen waren vanaf het begin kritisch. Premier Wim Kok sprak de beroemde zin uit dat hij hoopte dat de Amerikanen zich waardig zouden gedragen.

De vooraanstaande Britse historicus Michael Howard maakte principieel bezwaar tegen het begrip ‘War on Terror’ –de oorlog tegen het terrorisme. Hij betoogde dat bestrijding van terrorisme iets wezenlijk anders was dan ‘oorlog’, de term die hij graag wilde reserveren voor een conflict tussen staten.

Bloedige oorlog

In Howards ogen krijgen de terroristen precies wat ze willen als de Verenigde Staten – en andere westerse landen – kiezen voor oorlog. In een bloedige oorlog waar altijd vuile handen worden gemaakt, wordt rekrutering van terroristen immers nog gemakkelijker.

Het enige wat de terroristen hoeven te doen, is de strijd voor te stellen als een oorlog tegen de islam. Bovendien snappen de terroristen maar al te goed dat zij de tijd aan hun kant hebben. Amerikaanse soldaten willen graag weer naar huis, en dan hebben de Taliban weer vrij spel.

Geen wonder dat de Europese leiders na de aanslagen in Parijs zich in alle bochten wringen om de term ‘oorlog’ te vermijden. Zij hebben ook niet veel keus, aangezien de Europese krijgsmachten ernstig hebben geleden onder bezuinigingen en bovendien slecht samenwerken.

Het gevolg van dit alles is dat Europese landen zich beperken tot een operatie in Mali en tevens hand- en spandiensten verlenen in Irak. In Syrië staan zij aan de kant en moeten de Amerikanen solitair opereren. Europese regeringen weten heel goed – net zoals de Amerikanen – dat de operatie in Irak er niet toe zal leiden dat IS definitief wordt verslagen. Indamming is het hoogst haalbare.

Redenen

Er is een aantal redenen waarom de houding en aanpak van Europese regeringen na de aanslagen in Parijs tekortschieten. In de eerste plaats bestaat er nu geen enkele twijfel meer dat de strijd in het Midden-Oosten naar Europa is geëxporteerd.

In Europese opvangcentra komt het geregeld voor dat soennieten en bijvoorbeeld jezidi’s het met elkaar aan de stok krijgen. Daar zit in Europa niemand op te wachten. In Duitsland hebben dit soort gebeurtenissen mede geleid tot de demonstraties van Pegida.

In de tweede plaats is nu duidelijk dat een deel van de moslims achter de aanslagen in Parijs niet alleen in Syrië hebben gevochten, maar ook trainingskampen in Jemen hebben bezocht. Dit onloochenbare feit zou Europese regeringen ertoe moeten brengen om de Amerikanen bijvoorbeeld in Jemen bij te staan in hun drone-oorlog tegen trainingskampen van Al-Qa’ida.

Drones

In plaats van ons over te geven aan oeverloze beschouwingen of de inzet van drones wel of niet strijdig is met het internationale recht, wordt het nu echt tijd om keuzes te maken. De strijders van de cultuur des doods worden gehard in trainingskampen waar zij worden onderwezen in moderne terreurtechnieken.

Europese regeringen, die gehouden zijn om de veiligheid van hun burgers zoveel mogelijk te waarborgen, zullen echt bereid moeten zijn om samen met de Amerikanen die kampen te bestoken.

Europeanen zullen moeten erkennen dat veiligheid en privacy niet altijd samengaan. Overal in Europa kunnen zich cellen en individuen bevinden die ons willen doden. Als er dus gerede verdenking bestaat, zal de privacy van burgers moeten worden aangetast.

Ten slotte is het van het allergrootste belang dat de vele moslims die in Europa wonen en de rechtsstaat omarmen zich hier welkom blijven voelen. Alleen in lotsverbondenheid zullen moslims immers bereid zijn om te vertellen waar de terroristen zich bevinden. En alleen als onderdeel van de westerse samenleving zullen zij bereid zijn na te denken over de schaduwzijden van hun geloof.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.