Afshin Ellian Afshin Ellian

Assads regime is misdadig, maar zijn tegenstanders zijn nog erger

Door Afshin Ellian - 16 maart 2015

De Syrische burgeroorlog is in een kritieke fase beland. Bashar al-Assads belangrijkste tegenstanders zijn de jihadisten van IS en Al-Nusra. De pijnlijke realiteit is dat het Westen niet meer om Assad heen kan.

De oorlog in Syrië is vier jaar oud. Ook de geboorte van een oorlog wordt gevierd. De oorzaak van een oorlog verdwijnt vaak in de daaropvolgende ernstige gebeurtenissen.

Weinigen weten wat er precies gebeurde in Syrië op 15 maart 2011. We weten alleen dat vreedzame demonstraties door de Syrische overheid op gewelddadige wijze werden onderdrukt.

Dat is niets nieuws – het Iraanse regime deed hetzelfde in 2009. Maar daar brak geen burgeroorlog uit.

Totale oorlog

Bij het ontstaan van een burgeroorlog spelen dus veel meer redenen en oorzaken mee. Er waren andere krachten die het ontstaan van de Syrische burgeroorlog hebben bevorderd.

Hier moeten we voorzichtig zijn met het doen van uitspraken: het bevorderen van een burgeroorlog is iets anders dan het doen ontstaan ervan. President Bashar al-Assad koos voor het pad dat eerder door de Libische kolonel Muammar al-Khaddafi werd bewandeld: een totale oorlog tegen een groot deel van de eigen bevolking.

Verdoofd

Niet lang na het begin van de burgeroorlog, werd een algemene verdoving van kracht op de Syrische ziel. Ze zijn verdoofd, geweld werd gecultiveerd.

En dat geweld evolueerde tot jihadistisch oergeweld – per definitie extreem. De verdoving van de Syrische ziel duurt onverminderd voort.

Er zijn al 220.000 burgers en strijders om het leven gekomen. De helft van de Syrische bevolking leeft in vluchtelingenkampen. Achter de barricades groeit een gewelddadige generatie van strijders die de politiek als een verkeerd alternatief zien voor het gebruik van geweld.

Kritieke fase

De politiek is in Syrië doodverklaard. Het spel wordt daar gespeeld uit het loop van een geweer. De Syrische burgeroorlog heeft twee kwade aspecten: het is een interetnische en interreligieuze oorlog. Voor interetnische en interreligieuze oorlogen zijn geen eenvoudige oplossingen.

De burgeroorlog is in een kritieke fase beland omdat de jihadisten de gewapende tegenstanders van het regime van Assad zijn. De Syrische jihad kan alleen tot een beslechting komen als een nog sterkere groep ontstaat. Dat is echter niet mogelijk.

Partizanen

De jihadisten zelf zijn ook verdeeld in verschillende groepen. Al-Nusra en Islamitische Staat zijn de sterkste. Het zijn goed georganiseerde partizanenbewegingen die zich over de hele regio hebben kunnen verspreiden. Slechts een buitenlandse macht zou in staat zijn om ze te verslaan. En dat is cruciaal.

De eerste stappen naar de vrede in Syrië zijn gezet: luchtaanvallen op IS en Al-Nusra in Syrië en Irak. Wanneer echter IS uit Irak wordt verdreven, zal die beweging zich voornamelijk concentreren op Syrië. Dat brengt niets goeds met zich mee.

Grote machten

Het is mogelijk dat de Iraakse troepen van de Iraanse generaal Qassem Soleimani de oorlog tegen IS op Syrisch grondgebied voortzetten. Daar heeft Assad geen problemen mee, Damascus wordt immers al door andere troepen van Soleimani verdedigd.

De grote machten kunnen deze realiteit niet veranderen. Raqqa, de hoofdstad van het kalifaat, wordt straks van twee kanten onder vuur genomen: door de Iraakse milities en vanaf Syrisch grondgebied. Dit gaat echter nog heel lang duren.

Pijnlijk

Ooit schreef ik hier dat het Westen samen met Rusland naar een oplossing moet zoeken, namelijk een interne en bloedeloze verandering van regime in Damascus. Maar deze fase is voorbij. Rusland zal bovendien niet meer met het Westen willen samenwerken om Assad af te zetten.

De pijnlijke realiteit is dat niemand meer om president Assad heen kan. Terecht zei John Kerry, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, dat in de nabije toekomst met Assad moet worden onderhandeld.

Daartoe moet echter een internationaal kader worden geschapen. De VN-Veiligheidsraad moet een overlegruimte met Damascus creëren. Er zijn vier punten die de vrede dichterbij kunnen brengen, nadat stad voor stad, dorp voor dorp IS en andere terroristen worden vernietigd:

1. Terugtrekking van alle buitenlandse troepen uit Syrië: Hezbollah, de Iraanse Quds-divisie en alle strijders van Saudi-Arabië en Qatar, et cetera.

2. Ontwapening van alle Syriërs die geen deel uitmaken van de centrale regering.

3. Toelating van een internationale troepenmacht die zal toezien op de nakoming van de afspraken.

4. Het op gang brengen van politieke dialoog met de echte vreedzame oppositie van Assad en de regering in Damascus.

Verzwakte despoot

Dit zijn zeer concrete stappen die, samen met de uitroeiing van jihadisten, kunnen leiden tot een vredesoverleg. Inderdaad luidt de pijnlijke uitkomst dat Assads misdadige regime blijft zitten omdat Assads tegenstanders nog misdadiger zijn. Een andere oplossing is er niet.

Wie dit een lelijke oplossing vindt en dit moreel onaanvaardbaar vindt, moet zich neerleggen bij de voortzetting van de Syrische burgeroorlog. En dat resulteert in meer doden, meer instabiliteit, meer terreurkampen, meer aanslagen en in het geheel geen uitzicht op het einde van de Syrische burgeroorlog.

Een verzwakte despoot onder toezicht van de internationale gemeenschap is voor nu het meest verantwoorde alternatief voor de Syrische burgeroorlog. Zal de verdoofde Syrische ziel ooit bijkomen?

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.