Fred Sengers

Principes of niet, internetgiganten kunnen China niet meer negeren

Door Fred Sengers - 10 september 2015

Vijf jaar geleden weigerde Google toe te geven aan de Chinese censuur-eisen en was het de held van het internet. Er is sindsdien veel veranderd.

Het Amerikaanse internetbedrijf Google wil nog dit jaar weer aan de slag in China. Het heeft bij de autoriteiten een aanvraag ingediend voor het openen van een Google Play-webwinkel voor de Chinese markt.

Vijf jaar geleden was Google nog de held van de internationale internetgemeenschap, omdat het weigerde toe te geven aan de Chinese eisen omtrent censuur en het delen van  gebruikersgegevens. In 2010 trok het bedrijf zich terug uit China en verplaatste zijn activiteiten voor de Chinese markt naar Hongkong.

Sindsdien kunnen Chinese internetgebruikers via deze omweg wel gebruikmaken van Google’s zoekmachine, maar de resultaten worden door de Great Chinese Firewall gefilterd en zijn daardoor incompleet en traag.

Lokale zoekmachines als Baidu, SoSo en trouwens ook Microsofts Bing krijgen de voorkeur van de Chinese consument, ook al geven die niet thuis als er naar de Dalai Lama, Falun Gong of de Tiananmenopstand wordt gezocht.

Edward Snowden

Van elke duizend zoekopdrachten in China worden er vandaag de dag nog maar zeventien bij Google gedaan. Bovendien worden andere diensten van Google in China geblokkeerd – denk aan Gmail en YouTube.

Sinds 2010 is veel veranderd. We kijken met andere ogen naar de Chinese controledrift, sinds Edward Snowden onthulde dat ook westerse overheden ICT-bedrijven dwingen hun toegang te geven tot gebruikersgegevens en dataverkeer.

Bovendien is China niet langer een exotisch uithoekje van internet, maar is het land uitgegroeid tot de grootste online-markt ter wereld. Ruim 640 miljoen Chinezen zijn online; meer dan twee keer zoveel mensen als in de Verenigde Staten. De meeste Chinezen gaan niet via een pc op internet, maar via hun mobieltje.

En daar zit bij Google de pijn. Het bedrijf verdient zijn geld niet met zijn zoekmachine die we allemaal kennen, maar met andere diensten. Google Play, de webwinkel voor al die handige apps, is een nieuwe moneymaker.

Hangende pootjes

Hoewel Google Play het in China zal moeten opnemen tegen succesvolle lokale concurrenten, is de stap zakelijk heel goed te begrijpen. App-makers en adverteerders oefenen grote druk uit op Google om die enorme markt te betreden. En dus wil Google terug, met de plechtige belofte dat het aan alle Chinese wetten zal voldoen.

Die beslissing zegt veel over hoe de verhoudingen internationaal in een paar jaar zijn veranderd. Het ene moment trek je boos de deur achter je dicht; vijf jaar later kom je met hangende pootjes weer terug.

China is de tweede economie ter wereld, en binnen enkele jaren waarschijnlijk de grootste. Multinationals kunnen het zich eenvoudigweg niet veroorloven om die markt te negeren. Ook niet als dat betekent dat je pijnlijke concessies moet doen. En zelfs niet als die elders in de wereld slecht vallen.

Uitvliegen

De tijd is voorbij dat de Chinezen blij waren dat iemand zaken met ze wilde doen. Naarmate de Chinese economie volwassen wordt, groeit het Chinese zelfbewustzijn. Met elke economische hervorming worden de mogelijkheden om geld te verdienen groter, maar tegelijkertijd stelt China steeds meer eisen aan wie in het land actief is.

En er is nog een reden waarom westerse bedrijven buigen. Chinese bedrijven gaan vroeg of laat internationaal uitvliegen, wanneer ze op hun nationale markt letterlijk en figuurlijk tegen grenzen aanlopen.

Voor leveranciers van fysieke producten gaat dat langzaam, voor internetdiensten kan dat weleens verrassend snel gaan. De Chinese internet-kraamkamer zit vol bedrijven met internationale potentie.

Multinationale techbedrijven moeten beslissen of ze afwachten tot die nieuwe concurrenten naar hun markten komen of dat ze de strijd aangaan. Hun klanten eisen wereldwijde dekking. Wie de Volksrepubliek om principiële redenen links laat liggen, biedt Chinese partijen paradoxaal genoeg een concurrentievoordeel.

Apple en Microsoft hebben die beslissing al eerder genomen. Facebook twijfelt nog. LinkedIn is om. Google nu ook.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.