buitenland

Militairen mogen bij herdenking geen Russisch lintje dragen

Door Tom Reijner - 09 mei 2014

Militairen mogen vrijdag bij de jaarlijkse herdenking van gesneuvelde Russen in Leusden geen Sint-Jorislintje aannemen, omdat het lintje wordt gedragen door pro-Russische separatisten.

‘Het is militairen niet toegestaan een lint van St. Joris aan te nemen van de Russen,’ schrijft officier Geert Lalleman in een interne mail die in handen is van actualiteitenprogramma EenVandaag. Volgens het ministerie van Defensie is het lintje ‘mede symbool geworden voor de inlijving van de Krim en “opstand” van de pro-Russen in Oekraïne’.

Niet zichtbaar

Maar niet alleen militairen moeten oppassen met het lintje. Lalleman zegt dat burgers het lintje best mogen aannemen, maar dat zij ‘met klem’ worden geadviseerd het lintje niet te dragen.

Het bestuur van de Stichting Russisch Ereveld, die de herdenking in Leusden organiseert, sluit zich aan bij het besluit van Defensie. De lintjes worden zeker niet zichtbaar gedragen, zegt de secretaris van de stichting tegen EenVandaag.

Overwinning

Rusland viert vandaag de overwinning op nazi-Duitsland in 1945. Ook op het Russische ereveld in Leusden worden de vele Russen die bij die strijd om het leven kwamen, herdacht. Het is traditie om voorafgaand aan die ceremonie oranje-zwarte Sint-Jorislintjes (officieel de ‘Militaire Orde van de Martelaar en Overwinnaar Sint-George) onder de aanwezigen uit te delen.

Maar blijkbaar ligt dat nu gevoelig voor Defensie: veel pro-Russische militanten op de Krim en in het oosten van Oekraïne, waar een hevig conflict wordt uitgevochten, dragen het lintje als symbool voor de Russische zege.

Parade

Op deze Dag van de Overwinning woonde de Russische president Vladimir Poetin een grote militaire parade bij op het Rode Plein in Moskou.

Later was de president aanwezig op de Krim voor de festiviteiten. Het is voor het eerst sinds de annexatie van het schiereiland dat Poetin een bezoek brengt. Hij kwam aan in Sebastopol waar de Russische Zwarte Zeevloot zijn hoofdkwartier heeft.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.