cultuur

Film over Hazes: sympathiek monument voor koning van de levenspop

Door Rob van Scheers - 01 april 2015

Na de documentaire en de musical is er nu de speelfilm: André Hazes binnenstebuiten.

André Hazes (1951-2004) was een zelfverklaard uitvinder van de ‘levenspop’. Een mooie term die uitdrukt dat we het hier over een combinatie van levenslied en blues & rock hebben. Smartlap plus, zo gezegd, inclusief stevige drums en dito gitaren. Aldus sloeg hij een brug tussen volkscultuur en de elite, het jeugdige studentenleven incluis.

Zoals de zanger stelde: ‘Door mijn muziek legt iedereen opeens zijn status af.’ Geen geringe prestatie. Hij zong Ahoy’ vol, het Concert­gebouw, de Arena. Maar langzaamaan bezweek hij aan de tol van de roem, geboren ‘zenuwlijer’ als Hazes óók was.

Eerst kregen we die docu: Zij gelooft in mij (1999). Opvallend hoe maker John Appel de camp-toon aansloeg, Hazes had wel door dat hij in het ootje werd genomen.

Dan werd hij betrapt met een rijmwoordenboek, alsof dat zo erg is. Sting heeft ook een rijmwoordenboek. Daarna kregen we de musical: Hij gelooft in mij. Twee jaar volle zalen. En nu is er de speelfilm naar de musical.

Drank

Met zijn 112 minuten is de film aan de lange kant, vol herhalingen. En als we in Hazes’ jeugd duiken in de Amsterdamse Pijp krijgt het al snel de toon van Ciske de rat. Maar het goede nieuws is dat de film Hazes in zijn waarde laat, met alle succes en feilen.

Dat is bovenal de verdienste van hoofdrolspeler Martijn ­Fischer, hij deed Hazes ook in het theater. Alles klopt, tot in de kleinste details.

Die stem, de blik, de zenuwtrekjes, het getob, de grapjes, en de drank. Sym­pathiek monument voor de betreurde koning van de levenspop.

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.