cultuur

Het dilemma van drukwerk tijdens de Tweede Wereldoorlog

Door Peter ter Mors - 21 april 2015

Oplages van vogelvrije kunstenaars waren bescheiden, terwijl ‘foute’ tekenaars via kleurrijk drukwerk bedenkelijk gedachtegoed verspreidden.

Alston W. Purvis Goed fout. Grafische vormgeving in Nederland 1940-1945 Vantilt, 256 pagina’s, € 24,95
Tentoonstelling Goed fout Bijzondere Collecties, Amsterdam, tot en met 6 september
4 van de 5 sterren

Het verschil is bij het doorbladeren van het boek in één oogopslag duidelijk. Het werk van de tekenaars die hadden geweigerd zich bij de Kultuurkamer aan te melden, is klein en bescheiden. Vogelvrije kunstenaars als Cees Bantzinger en drukker Hendrik Werkman hadden nauwelijks materiaal en de oplages waren noodgedwongen klein.

Hoe anders is dat bij de ‘foute’ tekenaars. Zij konden, geheel naar de richtlijnen van de Duitse propagandaminister Joseph Goebbels, kleurrijk drukwerk maken om bedenkelijk gedachtegoed te illustreren. Commerciële tekenaars als Louis Manche gebruikten hun vakmanschap om affiches voor de NSB te maken.

Op de tentoonstelling zie je dat de grote formaten en suggestieve beeldtaal van de affiches die overal op straat te zien waren nauwelijks te negeren zijn. Nederlanders die aan de goede kant stonden, moesten daarentegen veel moeite doen om werk van gelijkgestemde tekenaars, schrijvers en drukkers onder ogen te krijgen.

Elsevier nummer 17, 25 april 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.