cultuur

Gelukkig zijn vakantieliefdes niet voorbehouden aan tieners

Door Marijke Hilhorst - 12 juni 2015

Achttien jaar geleden kochten Metin en Evelyn, met financiële hulp van vrienden, een stuk land in Güzelçamli. Daar, in de tuin van Emel Pension, zit ik nu onder een parasol te tikken.

Er komt een moment dat kinderen niet meer met vakantie willen met hun ouders. Evelyn vreesde dat haar zoon, toen zestien, dat punt bereikte en stelde daarom voor een avontuurlijke tocht te maken: door Turkije.

Hij hapte toe. Drie vrienden haakten aan. Ze schouderden hun rugzakken en vertrokken. Evelyn kon toen niet weten dat deze reis haar leven een compleet nieuwe wending zou geven. Een gelukkige.

Vanuit Istanbul trokken ze westwaarts. Aangekomen bij het busstation in Kuadasi waren ze niet erg gecharmeerd van het stadje; hier bleven ze niet, maar moe en dorstig als ze waren, besloten ze eerst thee te drinken.

Op het terras benaderde Metin hen, een charmante, knappe man die foto’s liet zien van zijn pensionnetje in het verderop gelegen Güzelçamli. Hij stelde het gezelschap voor een stukje watermeloen te komen eten; beviel zijn pension hen niet, dan zou hij de dolmus terugbetalen.

‘Dat ik als een blok voor hem viel, moet op 3 augustus 1990 zijn geweest,’ vertelt Evelyn, ‘want Metin vertelde ons het nieuws dat Irak Koeweit was binnengevallen.’

Ook Metin had het gevoel dat hij Evelyn niet moest laten gaan. Hij zou ze de grot van Zeus laten zien en daarna konden ze picknicken in het Milli Park, een enorm natuurgebied. Hoe vriendelijk het aanbod ook was, ze wilden verder.

Vrij land

Drie dagen later, in Patara aan de Middellandse Zee, een gebied waar archeologische vindplaatsen duizenden jaren geschiedenis zichtbaar maken, met adembenemende landschappen en kilometers ongerepte kust, slaagde Evelyn er niet in Metin uit haar hoofd te zetten. In een telefooncel belde ze hem op. ‘Kom een paar dagen hierheen,’ zei Metin. Ze ging.

Na de vakantie kwam Metin kort naar Nederland. En in december, toen zijn pension gesloten was, weer. Die winter schilderde Metin Evelyns huis en deed klussen bij vrienden.

‘Hij voelde zich heerlijk in Nederland, een vrij land, waar hij niet voortdurend in de gaten hoefde te houden of hij werd gevolgd. Hij kon zich ontspannen. Metin is na de staatsgreep in september 1980 gearresteerd omdat hij was betrapt op het plakken van posters. “Linkse oproerkraaiers” werden zonder enige vorm van proces gevangengezet, gemarteld, Metin ook.

Hij werd pas na vijf jaar weer vrijgelaten en toen mocht hij zijn beroep – hij was leraar – niet meer uitoefenen,’ vertelt Evelyn.

Daarom begon Metin een pension in het vakantiehuis van zijn zwager dat hij tot diens pensioen mocht uitbaten. Het liep nog niet echt goed toen hij Evelyn ontmoette.

‘Als verjaarscadeau liet ik advertenties plaatsen in Nederlandse kranten. Geïnteresseerden kwamen bij mij thuis foto’s bekijken en Metin haalde de gasten van het vliegveld in Izmir op. Dat was een hele vooruitgang, want daarvoor wierf hij mensen op het lokale busstation.’

Oleanders

Achttien jaar geleden kochten Metin en Evelyn, met financiële hulp van vrienden, een stuk land in Güzelçamli.  Daar bouwden ze hun gastenverblijf en rondom legden ze een sprookjesachtige tuin van 6.500 vierkante meter aan. En  daar, in de tuin van Emel Pension, zit ik nu onder een parasol te tikken.

Wolken paarse bougainville hangen tegen een blauwe lucht, oleanders leunen tegen palmbomen, de rozen, jasmijn en lavendel verspreiden hun zomerse geuren, er staan sinaasappelbomen, ceders draaien hemelwaarts, er kruipen schildpadden door het gras, een tortel koert en soms bereikt me het melancholieke geluid van een balkende ezel.

Wat een geluk dat vakantieliefdes niet zijn voorbehouden aan tieners. En wat heerlijk dat ze soms beklijven. Evelyn en Metin zijn nog steeds een stralend koppel. En als tijdelijke bewoner van dit paradijs kun je niet anders dan gelukkig zijn.

Het is niet gek dat er gasten zijn die het terrein nauwelijks verlaten; hooguit maken ze een excursie naar Efeze of een wandeling naar zee; binnendoor, over het pad dat langs de grot van Zeus gaat, is dat nog geen vijf minuten lopen.

Wij beginnen de dag met een fikse wandeling omhoog het Milli Park in, en beneden ligt de zee, tot aan Samos toe rijk geschakeerd in blauwen waar ik geen onderscheidende woorden voor weet. Nu lokt die zee me te komen zwemmen.

Elsevier nummer 25, 20 juni 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.