cultuur

Plechtstatig en toch joviaal: het Nederlands van Aboutaleb

Door Lucas Gasthuis - 13 augustus 2015

De Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb heeft het niet slecht met zichzelf getroffen.

Terwijl PvdA’ers in Den Haag wegkwijnen, weet een partijgenoot zich in Rotterdam slim te profileren als sociaal-democraat met leiderskwaliteiten. Zo mag Ahmed Aboutaleb op 1 september de H.J. Schoo-lezing uitspreken en was hij begin deze maand te zien in Zomergasten.

In het tv-programma bleek dat de Rotterdamse burgemeester het niet slecht met zichzelf heeft getroffen. Hij meldde bijvoorbeeld trots dat hij, Marokkaan uit het Rifgebergte, af en toe het taalgebruik van zijn Nederlandse medewerkers corrigeert.

De zorgvuldig voorbereide praatjes van Aboutaleb wekten enige irritatie door het effect­bejag. Alles leek van tevoren ingestudeerd om een politiek-correcte indruk te maken. Zelfs een zogenaamd geïmproviseerde imitatie van de schrijver Simon Carmiggelt had hij vermoedelijk thuis voor de spiegel geoefend.

Onderdoch

Maar het is zeker knap hoe de oud-lts’er zich in het Nederlands weet uit te drukken. Soms legt hij een klemtoon anders dan een Nederlander zou doen en spreekt hij dingen vreemd uit (‘onderdoch’ in plaats van ‘underdog’). Andere keren kiest hij voor een nogal plechtstatige uitdrukking.

Zo stelt hij iets ‘met leed’ vast. Terwijl hij ook van joviale woorden houdt. De Indiase staatsman Mahatma Gandhi noemt hij bijvoorbeeld een ‘topper’.

Aboutaleb heeft verder de neiging om ‘in het Rotterdamse’ te zeggen in plaats van ‘in Rotterdam’. Maar dat valt hem nauwelijks aan te rekenen. Zulke vreselijke uitdrukkingen zijn gemeengoed in bestuurlijke kringen.

Elsevier nummer 34, 22 augustus 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.