cultuur

Is er nog hoop voor het ouderwetse circus zonder wilde dieren?

Door Gerry van der List - 08 september 2015

Het reizende circus verkeert in Nederland in problemen. Heeft dit ouderwetse vertier zonder wilde dieren in de piste nog wel een toekomst?

Bij de kassa van Circus Barani is het even twijfelen. Voor 14 euro heb je een kaartje voor de eerste rang, wat anderhalf uur zitten op ongemakkelijke bankjes betekent. Voor 16 euro mag je plaatsnemen op plastic stoeltjes vlak bij de piste. Maar dan loop je het bekende gevaar van te worden natgespoten door de clown.

De voorstelling vanmiddag in een zonnig Voorschoten is nog geen half uur bezig of de clown, die voor aanvang nog achter de kassa zat, is inderdaad al bezig met het besprenkelen van de eerste rijen.

Maar de kinderen, die van de circa 150 bezoekers de meerderheid vormen, vinden het allemaal best. Zij genieten in de kleine rode tent ook van jongleurs en gedresseerde honden en pony’s die ze buiten eerst hebben kunnen aaien. Wilde dieren zie je niet. Sommige circussen hebben geanticipeerd op het verbod dat op 15 september officieel ingaat.

De spreekstalmeester richt zich met Duits accent tot het ‘hoog­geëerd publiek’. Circus Barani is een van de zeven à acht buitenlandse circussen die door het land trekken. Zoals Renz International, dat in juni het nieuws haalde omdat een olifant was mishandeld.

Schulden

Dit Duitse gezelschap mag niet worden verward met Circus Herman Renz. Het verreweg bekendste en grootste vaderlandse circus heeft de laatste weken ook niet over publiciteit te klagen gehad. Clown en directeur Milko Steyvers mocht overal in tranen vertellen dat grote schulden weleens het einde van zijn onderneming zouden kunnen betekenen.

Hij smeekte om subsidie, maar hij wist niet uit te leggen hoe de ernstige financiële problemen waren ontstaan. De clown spelen is toch iets anders dan een fors bedrijf zakelijk goed leiden.

De zorgen van Steyvers staan niet op zich. Het verbod op wilde dieren berooft enkele circussen van een voorname attractie. Het is een maatregel waartegen de Vereniging Nederlandse Circus Ondernemingen (VNCO) vergeefs opponeerde. ‘Het is pure symboolpolitiek,’ zegt voorzitter Marcel van den Ende (58). ‘De wilde dieren gaan nu de grens over. Daar schiet je weinig mee op.’

Herman Renz heeft de wilde dieren al eerder de deur uitgedaan en probeert dit gemis in de laatste show, het professioneel ogende World of Wonders, onder meer te compenseren met een honden­comedy en Friese hengsten. Maar het familiecircus Freiwald kan moeilijk afscheid nemen van Buba, de Afrikaanse olifant die zo veel bezoekers vermaakt.

Verder merken de circussen dat ze lang niet meer overal met open armen worden ontvangen. De legeskosten zijn omhoog­gegaan en het maken van reclame is aan meer restricties gebonden. Je kunt niet zomaar, zoals vroeger, een paar borden aan lantaarnpalen ophangen om de inwoners te attenderen op de komst van acrobaten en jongleurs in het dorp.

‘Het is een moeizaam bestaan, met steeds hogere lasten,’ zegt Van den Ende. ‘Wij van de VNCO proberen circussen met raad en daad ter zijde te staan. Maar het is voor een deel ook een gesloten wereld.’ De voorzitter, die zijn brood verdient als advocaat, raakte als jongetje gefascineerd door het circus toen de tent van Toni Boltini in zijn buurt verrees. Die glorietijd is voorbij.

Kaalslag

Er is een kaalslag geweest, mede door het enorme aanbod van alternatief vermaak. Zo kun je op YouTube eindeloos dierenfilmpjes bekijken en zijn er concurrenten opgekomen als Cirque du Soleil.

Dit wil niet zeggen dat er geen toekomst meer is voor het oude circus. Het succes van de kerstcircussen, zoals in Ahoy in Rotterdam, toont aan dat er nog altijd een markt is voor dit vertier.

‘Ze beweren dat circussen niet meer van deze tijd zijn,’ zegt Van den Ende. ‘Maar ja, klassieke muziek is ook niet van deze tijd. Ik ben ervan overtuigd dat het circus in alle vormen kan blijven bestaan, dus ook de klassieke. Als het zich weet te vernieuwen en zijn beperkingen kent. Het hoeft niet allemaal groots. Een klein circus heeft ook zijn waarde.’

Daarmee kunnen de bezoekers van een circus als Barani het alleen maar eens zijn.

Elsevier nummer 37, 12 september 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.