cultuur

Oecumenisch klooster als een christelijk Woodstock

Door Gerry van der List - 24 september 2015

Een decennium na de moord op oprichter Roger Schutz trekt de 75-jarige gemeenschap van Taizé nog altijd veel jongeren.

Het was tien jaar geleden een zinloze gewelddaad die de christelijke wereld schokte. Op 16 augustus 2005 ging een verwarde Roemeense vrouw Roger Louis Schutz-Marsauche met een mes te lijf. De negentigjarige geestelijk leider, die bekend werd onder de naam frère (broeder) Roger, stierf aan de verwondingen.

De plaats van de misdaad was een dorp in de Franse streek Bourgondië dat dankzij Schutz een magische klank had gekregen. In 1940 was de Zwitserse domineeszoon van Genève naar Taizé gefietst, waar hij in een landhuis vluchtelingen, vooral Joden, opving. Later zouden hij en zijn geestverwanten zich ook ontfermen over Duitse krijgsgevangenen en weeskinderen.

In 1949 kreeg de groep rond Schutz de vorm van een kloostergemeenschap, met broeders die geloften aflegden. Aanvankelijk waren het alleen protestanten; in 1968 trad voor het eerst een rooms-katholiek als broeder toe. Dit oecumenische karakter is een van de kenmerken van de gemeenschap van Taizé. Het verzoenen van de godsdiensten behoort tot de belangrijke doelstellingen.

Zingen

Taizé heeft altijd een vrij goede pers gehad. Waarschijnlijk mede doordat de gemeenschap in zowat alles de tegenhanger is van de Rooms-Katholieke Kerk: los georganiseerd, niet hiërarchisch, open voor alle gezindten, ondogmatisch. Dit moet ook de jongeren  aanspreken die tot op de dag van vandaag in groten getale afkomen op dat bijzondere oord van wat wel ‘nieuwe religiositeit’ is genoemd.

Soms deed Taizé een beetje denken aan een christelijk Woodstock, met allemaal idealistische, vreedzame, van love, peace and understanding dromende jongeren. Maar het is er altijd een stuk rustiger aan toegegaan dan op het popfestival. In stilte en soberheid wordt gebeden en gemediteerd. Voor preken is weinig ruimte, voor zingen des te meer. De voorkeur gaat uit naar korte, veelvuldig herhaalde gezangen met teksten uit de Bijbel.

Voor oppervlakkig vertier bestaat nauwelijks gelegenheid in het populaire pelgrimsoord. Het gaat om geestelijke verdieping. Van de bezoekers wordt bovendien verwacht dat zij de handen uit de mouwen steken. Zij moeten bijvoorbeeld helpen met wc’s schoonmaken en eten bereiden.

Stimulans

Bij het 75-jarige jubileum van Taizé wordt op verschillende momenten en plaatsen stilgestaan. Zo is er op 3 oktober in de Grote Kerk in Den Bosch een feestelijke viering. Dit past allemaal bij de grote waardering voor de gemeenschap.

Tegelijkertijd roept het jubileum de vraag op naar de invloed van het religieuze experiment. Het is zeker niet zo dat het kloosterleven een enorme stimulans heeft gekregen. Jongeren vinden een spiritueel uitje in Bourgondië misschien nog wel aardig, maar een armoedig, celibatair bestaan in dienst van Jezus is toch iets heel anders.

Met de verwezenlijking van de oecumenische gedachte gaat het ook niet helemaal naar wens. Vooral in Rome liggen ze dwars.

Toen Schutz in april 2005 bij de begrafenis van Johannes Paulus II uit handen van kardinaal Joseph Ratzinger de hostie mocht ontvangen, werd van een doorbraak gesproken. Maar het Vaticaan haastte zich om te verklaren dat de protestantse broeder helemaal niet aan de communie had mogen deelnemen.

Voor de aanhangers van het gedachtegoed van Taizé valt er al met al nog veel werk te verrichten.

Elsevier nummer 40, 3 oktober 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.