cultuur

Praten over het levenseinde leidt tot enorme kostenbesparing

Door Marijke Hilhorst - 10 september 2015

In La Crosse, een stad midden in de Verenigde Staten, hebben ouderen uitzonderlijk lage ziekenhuiskosten aan het einde van hun leven. Het geheim is verbazend simpel.

Er wordt avonden gewauweld over voetbal. Mensen kletsen wat af over Bekende Nederlanders – wat zij deed, en hij ten onrechte naliet. Bijna iedereen boven de zestig lijdt aan het PHPD-syndroom en die Pijntjes Hier en Pijntjes Daar beheersen soms het gesprek.

Maar onze sterfelijkheid is zelden onderwerp. Terwijl we het allemaal zijn. We weten alleen niet wanneer de dood aanklopt. En aangezien we dag noch uur kennen, doen we er goed aan om er zo nu en dan wel aandacht aan te besteden.

In Sterfelijk zijn, van de Amerikaanse arts Atul Gawande – dat eerder kort werd besproken in Elsevier –  kwam ik een interessant voorbeeld tegen van het effect van het invoeren van sterfelijkheid als ‘verplicht’ gespreksonderwerp.

In La Crosse, een stad midden in de Verenigde Staten, hebben ouderen uitzonderlijk lage ziekenhuiskosten aan het einde van hun leven. Opvallend is ook dat het aantal dagen dat zij in de laatste zes maanden van hun leven in het ziekenhuis liggen, de helft is van het landelijk gemiddelde. Komt nog bij dat de levensverwachting een jaar boven het landelijk gemiddelde ligt, hoewel obesitas en roken niet minder voorkomen dan elders in het land.

Rara, hoe kan dat? Het is zo simpel dat je je direct afvraagt waarom de methode niet ook bij ons direct is ingevoerd.

Cruciale vragen

In 1991 startte de lokale gezondheidszorg in La Crosse een campagne om dokters en patiënten met elkaar te laten praten over wensen voor het levenseinde. En binnen het jaar kreeg iedere patiënt die in een ziekenhuis, verpleeginrichting of zorginstelling voor begeleid wonen werd opgenomen het verzoek een meerkeuzevragenlijst in te vullen waarop vier cruciale vragen stonden.

Wilt u op dit punt van uw leven:
1. Gereanimeerd worden bij een hartstilstand?
2. Agressieve behandelingen ondergaan zoals intubatie en beademing?
3. Met antibiotica worden behandeld?
4. Sondevoeding of parenterale voeding krijgen als u zelf niet meer kunt eten?

Geen eenvoudige vragen, al was het maar omdat je als leek waarschijnlijk niet weet wat intubatie betekent en wat het verschil is tussen sondevoeding en parenterale voeding. Bovendien zal over sommige antwoorden even moeten worden nagedacht.

Daarom kregen de patiënten bij het invullen van de vragenlijst hulp van iemand die de tijd nam en ervaring had met het voeren van dit soort gesprekken. Diegene legde natuurlijk ook even uit dat intubatie het aanbrengen van een buis in de luchtpijp ten behoeve van beademingsapparatuur betekent.

En dat bij sondevoeding vloeibaar voedsel via een slangetje naar de maag gaat en parenterale voeding buiten het maag-darmkanaal om loopt, via een infuus in een bloedvat.

Ongekend succes

Belangrijk is dat zinnetje voorafgaand aan de vragen niet over het hoofd te zien: ‘Wat wilt u op dit punt van uw leven.’ Een twintigjarige die wordt opgenomen wegens een blindedarmontsteking, zal andere antwoorden geven dan een tachtigplusser met hartfalen die bij het wisselen van een peertje van het trapje viel en zijn rug brak.

Ook in La Crosse waren er vóór 1991 al mensen die over deze zaken hadden nagedacht en een wilsverklaring hadden opgesteld – zo’n 15 procent. Maar in 1996 bleek 85 procent van de mensen die overleden er een te hebben. Het is dus een ongekend succes te noemen.

Het succes zit hem niet zozeer in die 85 procent, maar in wat eraan voorafging. Door het jaren achtereen voorleggen van de vragenlijsten, is het waarschijnlijk dat inwoners van La Crosse met familieleden overleg hadden gehad voor er zelfs maar een crisissituatie ontstond.

De kostenbesparing zat ‘m erin dat ongeneeslijk zieken niet kozen voor levensverlengende behandelingen. Dus liggen op de ic geen uitbehandelde kankerpatiënten tegen de dood te knokken, noch mensen met onbehandelbaar hartfalen. Die blijven thuis en ontvangen palliatieve zorg.

Kern is: het gesprek, en niet de vragenlijst, deed het ‘m. Erover praten had de kosten van het levenseinde in La Crosse teruggebracht.

Ik vond het zo inspirerend dat ik mijn broers en zusters heb uitgenodigd er een avond over te komen praten. Over sterfelijkheid. En over wat we niet meer willen, mocht er op de deur worden geklopt. We zijn allemaal gezond. Daarom juist.

Elsevier nummer 38, 19 september 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.