cultuur

1992 – Hella S. Haasse: Indië-verteller onderscheiden

Door Irene Start - 15 oktober 2015

Op haar 74ste ontving Hella S. Haasse in 1992 van goede lezer koningin Beatrix de gouden Eremedaille voor Kunst en Wetenschap in de Huisorde van Oranje.

Hella Haasse, in 1918 geboren in Batavia, wist met haar beeldende romans moeiteloos Nederlands-Indië voor de lezer op te roepen. Van tropische palmen tot magere kippen, van nevelige bergkammen tot theeplantages die eruit zagen als een in ribbels geschoren dik groen tapijt; voor Haasse was de natuur een belangrijke inspiratiebron én altijd zwanger van mysterie.

Dit jaar publiceerde ze een van haar succesvolste Indië-romans: Heren van de thee. Het boek gaat over een plantersfamilie op een afgelegen Javaanse thee-onderneming. Terwijl planter Rudolf zijn plek in de koloniale toplaag wil behouden, kwijnt zijn kersverse vrouw weg. Heren van de thee, wat Indië-thematiek betreft de opvolger van Oeroeg uit 1948, viel in de prijzen. Dat was niets nieuws voor Haasse, die in 1981 ook al de Constantijn Huygensprijs en in 1983 de P.C. Hooftprijs had ontvangen en later ook nog de Annie Romeinprijs (1995) en Prijs der Nederlandse Letteren (2004) zou krijgen.

Wat 1992 zo bijzonder maakte, was dat aan de onderscheidingen een belangrijke werd toegevoegd: de gouden Eremedaille voor Kunst en Wetenschap. Dat was eervol natuurlijk, maar de schenker ervan was minstens zo belangrijk: koningin Beatrix. Haasse had al een langere relatie met de Koningin; ze had haar portret geschreven toen de Koningin achttien werd, en een vraaggesprek met haar op tv gehouden. Andersom maakte Beatrix er geen geheim van dat ze Haasses romans goed las en volgens de schrijfster was ze een goede lezer .

In 2011 zou Haasse op 93-jarige leeftijd overlijden. Ze kreeg vele loftuitingen en premier Mark Rutte zou haar een dierbare en geliefde schrijfster noemen. Verrassend genoeg waren er nog onontdekte verhalen. Deze zouden in 2012 worden gepubliceerd onder de titel Maanlicht.

Elsevier nummer 43, 24 oktober 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.