Gertjan van Schoonhoven

Waarmee onderscheidt de ‘publieke omroep’ zich eigenlijk nog?

Door Gertjan van Schoonhoven - 24 juni 2015

De EO heeft God vervangen door de onderbuik, normale journalistieke principes door het gemanipuleerde, quasi-journalistieke genre dat leugenachtig ‘reality’- tv heet.

Journalisten die zichzelf heel erg ‘integer’ vinden – juist die moet je héél erg in de gaten houden. Toen enige tijd  geleden allerlei journalisten, vaak van de publieke omroep en vaak van enigszins linksige signatuur, in opspraak raakten omdat ze nogal genant veel bleken bij te klussen, was dat vaak hun verweer: ze ‘gingen er integer mee om’. Jaja.

Nu hoor je hetzelfde verweer van de mannen van het productiebedrijf Skyhigh TV. Dat bedrijf, opgericht door EO’ers, maakt voor de Evangelische Omroep (EO) het programma Hufterproef, dat nu in opspraak is omdat het onschuldige uitspraken van een Almeerse vrouw bewust zo verknipte dat ze op tv als een racist werd neergezet. In werkelijkheid had ze het juist opgenomen voor een moslima.

In Trouw – misschien wel dé expert op het gebied van nepjournalistiek – zeiden de makers niet te twijfelen aan hun eigen integriteit. ‘We maken tv vanuit onze onderbuik, dat hebben we altijd gedaan. Integriteit is daar onderdeel van. Het zit in ons.’ Jaja. Maar nu even niet.

Wat een schijnheilige puinhoop. En wat is de Evangelische Omroep van het padje. God vervangen door de onderbuik, normale journalistieke principes door het gemanipuleerde, quasi-journalistieke genre dat leugenachtig ‘reality’- tv heet.

En het orthodoxe geloof als richtsnoer blijkbaar door een activistisch evangelie, zoals het heilige geloof dat alle witte Nederlanders racisten zijn. Dat is in werkelijkheid helemaal niet zo.

Maar ja, voor wie reality-programma’s maakt vanuit de integere onderbuik, is dat geen beletsel: dan máák je de werkelijkheid gewoon zo.

Kijkcijfers, reclame, bedrog: waarmee onderscheidt de ‘publieke omroep’ zich nog?

Elsevier nummer 26, 27 juni 2015

Ingelogde abonnees van Elsevier Weekblad kunnen reageren.